Sociale-mediaverbod (2)
Een reeks artikelen van de lente van '25, over de discussie m.b.t. een mogelijk verbod op sociale media voor jongeren, heb ik al besproken in het blogartikel Sociale-mediaverbod. In december '25 publiceerde de Hoge Gezondheidsraad (of de HGR) een rapport over deze problematiek, met het advies om geen verbod in te stellen, maar wel in te zetten op mediawijsheid. Een hele silo koren op de molen van de N-VA, die zich met Cieltje Van Achter al tegen een verbod had uitgesproken.
De vraag of de HGR gelijk heeft is moeilijk te beantwoorden; dat is meer afhankelijk van opinies dan van feiten. De onderstaande analyse van artikelen, de meeste uit De Standaard, toont weer verschillende facetten van het probleem, maar nu gekleurd door het rapport van de HGR.
In het overzicht hieronder verwijzen de titels naar de sectie met de bespreking van het betreffende artikel. In elke sectie verwijst de titel naar het originele artikel. Schuine tekst is brontekst; in klein groen staat mijn commentaar. Vet groen zijn verwijzingen naar randinformatie.
1 – Hoge Gezondheidsraad wil geen socialemediaverbod onder 16, Vooruit wel – Dominique Deckmyn, De Standaard, 04-12-2025 – Wie is de Hoge Gezondheidsraad of HGR? Dat valt goed uit te leggen. Waarom is de HGR tegen een verbod? Dat is minder duidelijk.
2 – Leeftijdsgrens voor sociale media? Het laatste woord is nog niet gezegd – Dominique Deckmyn, De Standaard, 05-12-2025
3 – Een verbod op sociale media niet nuttig? Het zou goed zijn als zulke adviezen zich wat meer op de feiten baseerden – Patrick Vankrunkelsven, De Standaard, 07-12-2025 – Ook Vankrunkelsven heeft bedenkingen bij het rapport van de HGR. Hij neemt de werkwijze via de HGR en het standpunt van de HGR op de korrel, grotendeels duidelijk terecht.
4 – Is het Trump en Musk ontgaan dat Australië sociale media voor kinderen verbiedt? – Lieven Sioen, Chef economie, De Standaard, 10-12-2025 – Enkele bedenkingen en absurditeiten in het kader van het Australische sociale-mediaverbod tot 16 jaar.
5 – Waarom Europa niet zal buigen voor de druk van Trump en zijn bigtechvrienden – Bart Beirlant, De Standaard, 10 december 2025 – Over het gehakketak tussen de VS en Europa omwille van de Digital Services Act en de Digital Markets Act, en de vervlechting van markt en politiek.
6 – Wouter Duyck in De Standaard – Een verbod op sociale media voor kinderen is een vreselijk idee – Wouter Duyck, hoogleraar cognitieve psychologie (UGent), De Standaard, 18-12-2025 – Duyck fulmineert in zijn typische grove stijl tegen het idee van een sociale-mediaverbod. Je gaat de vrijheid van meningsuiting anders bekijken.
7 – Vooruit en CD&V halen bakzeil: geen verbod op sociale media voor kinderen onder 16 jaar – Belga, 20-12-2025 – Deze verdediging van het standpunt van de N-VA en de HGR, dat mediawijsheid onze jongeren moet beschermen tegen sociale-mediabagger, toont juist de ondraaglijke lichtheid ervan.
8 – Noem voorstanders van verbod op sociale media niet zomaar 'digifoben' – Jeff Spiessens, Leerkracht mediakritiek, De Standaard, 21-12-2025 – Sociale-media-ellende is al meermaals vergeleken met andere epidemieën, zoals tabaksgebruik en de opioïdencrisis in Amerika. Spiessens maakt interessante bedenkingen over het misbruik van wetenschappelijke studies voor eigen gewin.
9 – Geen verbod tot 16 jaar voor sociale media in Vlaanderen – DataNews / Belga, 22-12-2025 – Een korte omschrijving van de problematiek. Kan je eigenlijk overslaan; deze info staat ook elders. Ik laat dit staan als voorbeeld van een artikel dat door de beknoptheid zijn waarde verliest (en om de nummering niet te moeten aanpassen).
10 – 'Willen we sociale media helemaal verbieden? Of alleen de huidige invulling door big tech?' – Elisa Hulstaert, Redacteur, Knack, 29-12-2025 – Veel interessanter is dan een artikel dat bepaalde aspecten uit de problematiek nader belicht, hier bijvoorbeeld het verschil tussen sociale media als concept en de manier waarop het door Big Tech wordt ingevuld. Een nuttige invalshoek die meestal ten onrechte genegeerd wordt.
11 – Wel of geen smartphone? Een goede opvoeding hoeft niet gebaseerd te zijn op 'hard' wetenschappelijk bewijs – Philippe Noens, Hogeschool Odisee, in De Standaard 04-01-2026 – Opnieuw een pleidooi voor 'ervaring als kennisbron' en gezond verstand. Net als in Sociale-mediaverbod geeft Noens een interessante pedagogische visie, die in veel debatten ontbreekt.
12 – Na Frankrijk en Spanje: kiest ook Europa voor leeftijdsgrenzen op sociale media?– Dominique Deckmyn, De Standaard, 04-02-2026 – Over internationale inspanningen om het sociale-mediaprobleem aan te pakken.
13 – Hou kinderen toch weg van schermen – Mia Doornaert, De Standaard, 4 februari 2026 – Een weliswaar nostalgische visie, maar met een actuele achtergrond: de technologisering van intermenselijke contacten.
14 – Europa stelt "verslavend" Tiktok ultimatum: ontwerp van app aanpassen of zware boete – Nico Tanghe, De Standaard, 06-02-2026 – Dat de Europese Commissie TikTok wil verplichten zijn applicatie aan te passen om de verslavende eigenschappen eruit te halen is uiteraard interessant, maar dit komt veel te laat. De geleidelijke ontwikkeling van de miserie heeft geleid tot de huidige precaire toestand, die nauwelijks terug te draaien valt.
1 – Hoge Gezondheidsraad wil geen socialemediaverbod onder 16, Vooruit wel
Een verbod op sociale media voor jongeren? Niet aan de orde, zegt een advies van de Hoge Gezondheidsraad. Vooruit-voorzitter Conner Rousseau blijft er op Vlaams en federaal niveau voor pleiten: "Als samenleving moet je de druk wegnemen van ouders."
Dominique Deckmyn, De Standaard, 4 december 2025
Wie of wat is de Hoge Gezondheidsraad in feite? Wel, ze hebben een mooie website waar één en ander uitgelegd wordt. De Over ons pagina geeft enkel een korte inleiding; meer interessante info staat op de pagina Organisatie. Heel duidelijk wordt het allemaal niet, maar dit is ongeveer de essentie:
– De HGR is "een onafhankelijk netwerk van gerenommeerde nationale en internationale experten". Dat kan meteen alle kanten uit.
– "Op dit moment telt de Raad meer dan 1500 deskundigen uit het binnen- en buitenland. Naargelang hun competenties en de te behandelen onderwerpen nodigt de Raad hen sporadisch of systematisch uit om deel te nemen aan vaste werkgroepen dan wel specifieke adviesgroepen".
– "Overeenkomstig de statuten van de Raad en op basis van diverse representativiteitscriteria (Joost mag weten waar dat op slaat) worden 300 experten benoemd voor een periode van 6 jaar per ministerieel besluit". Dat kan je nakijken in het Staatsblad, waaruit tevens blijkt dat de Raad is opgericht in 2007. Waarom jaarverslagen enkel beschikbaar zijn van 2017 tot 2022 is een beetje duister.
– Van de 300 benoemde experten zijn er 30 die het 'College' vormen, het beslissingsorgaan dat maandelijks vergadert. "Ze bekijken de vragen en projecten die binnenkomen en stellen navenant de deskundigengroep samen die zich over het advies zal buigen". Of die deskundigen dan uit die 300 komen, of uit die 1500, is niet uitgelegd, noch hoe groot die groep is, of hoe die experten geselecteerd worden.
Dominique Deckmyn, De Standaard, 4 december 2025
Zijn smartphones en sociale media schadelijk voor jongeren, en zo ja: moeten we daar iets aan doen? Dat was de vraag die minister van Gezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) stelde aan de Hoge Gezondheidsraad (HGR). Niet alleen in de federale, maar ook in de Vlaamse regering zat men al enkele maanden op dat advies te wachten. De vraag kwam er na een aantal studies en mediaverhalen die wezen op gevaren van sociale media voor kwetsbare jongeren. Oeps. Dat gezonde jongeren net kwetsbaar worden door het gebruik van sociale media wordt hier eventjes vergeten.
LEES OOK: Bezorgd over de streak-dwang van tieners? We willen allemaal scores, levels of vlammetjes op onze smartphone – Vlammetjes op Snapchat, 'streaks' op Duolingo of nog een dag erbij op Wordle. Alsof we nog niet genoeg te doen hebben, legt een mens zich ook nog eens dat soort verplichtingen op. Waarom toch?
Nog nooit van streaks gehoord? Lezen dan. Bangelijke methode om smartphonegebruikers te laten vergroeien met hun toestel. Normaal menselijk contact sterft uit.
Maar in België is zo'n verbod niet aan de orde, vindt de HGR. "Kinderen zouden geen accounts mogen aanmaken op sociale of gamingplatforms zonder ouderlijke toestemming vóór de leeftijd van 13 jaar", staat in het advies. "Tussen 13 en 16 jaar dient toegang tot digitale media geleidelijk te gebeuren, ondersteund door actieve ouderlijke begeleiding en media-educatie." Media-educatie, geen verbod. Zie ook het overeenkomstige standpunt van Cieltje Van Achter, in mijn eerste artikel over dit onderwerp: Sociale-mediaverbod.
Verbod
Vooruit-voorzitter Conner Rousseau is niet onverdeeld blij met het advies. Hij heeft zich al eerder uitgesproken voor een verbod op z'n Australisch – tot de leeftijd van 15 of 16 jaar. Samen met partijgenote en Vlaams Minister van Welzijn Caroline Gennez. "Er is nu voldoende bewijs geleverd dat er een gevaar is voor het mentale welzijn van onze jongeren. Als samenleving moet je dan een afspraak maken, en de druk wegnemen van ouders." Ik denk dat hij gelijk heeft, maar wil ook niet te snel voorop lopen. Eerst de nuances bekijken.
Rousseau wijst erop dat het advies van de HGR zelfs een versoepeling van de huidige regels inhoudt: onder de 13 jaar mogen jongeren helemaal niet op sociale media, ook niet met toestemming van de ouders, op basis van de GDPR-privacy-wetgeving. Vooruit zal zowel in de Vlaamse als de federale regering blijven pleiten voor een verbod, beklemtoont hij. Dus hij trekt de expertise van de expertengroep in twijfel. Interessant.
Daar zal hij dan botsen met de N-VA. "De huidige leeftijdsgrens van 13 jaar is terecht en moet in de praktijk ook beter worden afgedwongen", zegt de Vlaamse minister van Media Cieltje Van Achter. Zoals gezegd. "Een verbod op sociale media tot 16 jaar is (vindt zij, en/of N-VA) geen goed idee, zoals ook uit het advies blijkt en wat ik steeds heb benadrukt (handig voor een politicus als een 'onafhankelijk' rapport je mening bevestigt)(of zouden ze er zelf een hand in hebben?). We gaan nu met de Vlaamse regering bekijken hoe we met deze beleidsaanbevelingen verder gaan."
Wat zijn in feite de aanbevelingen van de GHR? Het rapport is opvraagbaar: De effecten van het gebruik van schermen en sociale media op jongeren. De transparantie is OK. Dit zijn de aanbevelingen:
Om deze maatschappelijke uitdaging aan te pakken, stelt de Hoge Gezondheidsraad (HGR) aanbevelingen voor die de risico's van scherm- en socialemediagebruik verminderen en tegelijkertijd de potentiële voordelen van digitale technologieën voor kinderen en jongeren behouden.
De HGR pleit voor een geïntegreerde aanpak met focus op:
– Preventie en opleiding: verbeteren van toegang tot offline activiteiten, versterken van mediageletterdheid en sociaal-emotionele vaardigheden, opleiden en ondersteunen van ouders, onderwijs- en gezondheidszorgprofessionals
– Ondersteuning en opsporing: versterken van preventie- en ondersteuningsdiensten, integreren van een beoordeling van schermblootstelling in gezondheidscontroles
– Regulering: verzekeren van een verantwoordingsplicht van platformen door middel van transparantie in algoritmes, "safety by design"-principes en strenger toezicht op content
– Onderzoek en governance: oprichten van een onafhankelijk auditcentrum
Wat je allemaal niet moet doen om het niet beperken van toegang tot sociale media te verantwoorden… Een mooi geval van overbodige complexiteit.
Beetje opmerkelijk, op dezelfde pagina:
Het volledige advies is enkel beschikbaar in het Engels
Er is echter een gedetailleerde samenvatting in het Nederlands beschikbaar.
De interpunctie is alvast niet helemaal in orde. Bovendien staat de verwijzing naar het Engelstalige rapport in het Frans: SHC 9877 – Les effets de l'utilisation des écrans et des médias sociaux sur les jeunes. En waarom we in het Nederlands enkel een samenvatting krijgen (26 pagina's i.p.v. 144, met niettemin een 'Summary' in het Engels) begrijp ik niet: HGR 9877 – De effecten van het gebruik van schermen en sociale media op jongeren – SAMENVATTING. Transparantie met een reukje aan. Op het eerste gezicht zijn de beide versies bovendien moeilijk vergelijkbaar. De structuur lijkt verschillend, wat echter niet eenvoudig kan aangetoond worden omdat de Nederlandstalige versie geen inhoudstafel heeft. Het lettertype is vervelend groot, de interlinie is vervelend klein, en de tekst is niet vrij van foutieve zinsconstructies en bedenkelijke redeneringen, wat de leesbaarheid beperkt. Verder hebben ze het meestal over 'voordelen' en over 'mogelijke nadelen', wat een vooringenomenheid suggereert.
En klopt het wat Rousseau zegt, dat de HGR de GDPR negeert? De voorlaatste paragraaf van punt 1, de 'conclusies', op p. 5, begint zo: "Wat smartphones betreft, ondersteunen de meerderheid van de experten geen verbod tot de leeftijd van 13 jaar". GDPR-gewijs is dat om zijn minst vreemd te noemen. De volgende paragraaf zegt "De meerderheid van de experten zijn over het algemeen voorstander van het beperken van de toegang tot sociale netwerken voor kinderen jonger dan 13 jaar". Dat is niet hetzelfde, maar wel even vaag. Bij de aanbevelingen aan ouders op p.7 wordt dat: "Kinderen zouden (?!) geen accounts mogen aanmaken op sociale of gamingplatforms zonder ouderlijke toestemming vóór de leeftijd van 13 jaar". Het gebrek aan duidelijke standpunten en/of lef om die te verwoorden is storend. Hoe meer ik verder lees, hoe meer ik mij erger aan de gebakken lucht en de holle wetenschappelijke taal in deze burn-out genererende probleemverhullende tekst. Ik zou wel eens willen weten hoeveel managerialisten er in die adviesgroep zitten… Als de HGR vooraan in zijn rapport "benadrukt dat wettelijke maatregelen gebaseerd moeten zijn op wetenschappelijk bewijs", en vervolgens stelt dat er geen wetenschappelijk bewijs is voor wat iedereen kan zien, dan is er volgens mij stront aan de knikker. Als ik Rousseau was (maar dat ben ik gelukkig niet) zou ik ook doordoen.
Europa
Het Europees Parlement keurde vorige week een resolutie goed waarbij toegang onder de 16 alleen nog zou kunnen met ouderlijke toestemming. Dat leunt dicht aan bij wat nu in Denemarken voorligt, al ligt de leeftijdsgrens daar op 15. Europa test daarnaast al enkele maanden een app waarmee iedereen op het internet kan bewijzen dat ze meerderjarig zijn ('ze', op zijn Engels, bij gebrek aan een Standaardnederlands alternatief voor 'hij/zij'), zonder andere identiteitsgegevens te hoeven delen. Nu heeft zo'n resolutie betrekkelijk weinig betekenis. Het Europees Parlement neemt daarmee enkel een standpunt in, kan daarmee de Commissie oproepen om wetgeving voor te stellen, kan daarmee de lidstaten bekritiseren of aanmoedigen, maar een resolutie creëert geen verplichtingen voor lidstaten.
Maar de HGR, die de meningen van ruim veertig experts vergaarde, vond dus geen consensus over ingrijpende wettelijke maatregelen in ons land. Belgische onderzoekers waren dan ook in het verleden eerder van mening dat sociale media, op de keper beschouwd, voor jongeren meer voordelen dan nadelen hebben. Welk verleden? En welke Belgische onderzoekers? En welke sociale media? En welke jongeren?
Bewijs
"De HGR benadrukt dat wettelijke maatregelen gebaseerd moeten zijn op wetenschappelijk bewijs", staat in het advies. Deckmyn heeft ook het begin gelezen. En voor wat betreft de nadelige gevolgen van sociale media, is dat bewijs er eigenlijk niet, concluderen de experts. "Actief, sociaal gebruik kan het welbevinden en de zelfexpressie bevorderen ("kan" ja, misschien, maar onder welke voorwaarden, daar spreekt niemand over), terwijl passief, vergelijkend scrollen – vooral van geïdealiseerde of schadelijke inhoud (geïdealiseerd is ook schadelijk) – samenhangt met meer psychisch leed, ontevredenheid over het lichaam en depressieve symptomen." Er zijn wel andere dingen dan sociale media die het welbevinden en de zelfexpressie van jongeren bevorderen, zoals het altijd al is geweest. Maar dat is blijkbaar van geen tel meer. Ik vraag mij af hoe het komt dat een evaluatie van sociale media altijd neerkomt op een vergelijking van voor- en nadelen ervan, zonder te kijken naar de situaties met en zonder. De enige reden die ik kan bedenken is dat betrokken experten zelf ervan uitgaan dat sociale media niet meer kunnen gemist worden. Wat meteen wijst op het verslavend effect ervan op gebruikers, inclusief de betrokken experten. Dat ze daar eens een onderzoek naar doen.
In plaats van voor een strikte minimumleeftijd, pleiten ze voor "strengere regulering van platforms en andere preventieve maatregelen". Het advies pleit voor een "alomvattende aanpak" met een flinke nadruk op sensibilisering en mediawijsheid. Een grondige evaluatie van de aanbevelingen dringt zich op. Bij de vier aanbevelingen hierboven heb ik al dadelijk mijn bedenkingen.
LEES OOK: Leg je sociale media even opzij en vind het geluk: veel jongeren deconnecteren bewust – Is onze mentale gezondheid een vogel voor de kat in de gretige handen van socialemediabedrijven? Ja, ze zijn listig, maar we kunnen ons wapenen door af en toe te detoxen. Heel wat jongeren doen het bewust.
Interessant, en hoopgevend, toch voor de jongeren (en anderen!) die nog aan zelfreflectie doen.
De jongste jaren duiken wel meer studies op die wijzen op een negatieve impact. Vorige maand raakte bekend dat eigen onderzoek van Meta al in 2020 aanwees dat jongeren zich beter in hun vel voelen als ze Instagram een week links lieten liggen (of voor altijd…?). Dat onderzoek werd vervolgens doodgezwegen. Zie bv. de NOS en Reuters over dat 'Project Mercury'; vreemd dat de VRT hier niets over publiceerde, maar wel het schadelijk effect van sociale media in twijfel trekt.
Australië
Ondertussen kijkt de wereld naar Australië, waar vanaf volgende week jongeren onder de 16 volledig van sociale media worden geweerd. De sociale media zelf – niet tieners of ouders – worden daarvoor verantwoordelijk gesteld. Dat wil onder meer zeggen dat ze verplicht zullen zijn de leeftijd van alle gebruikers te controleren, wat bij heel wat critici vragen oproept over de privacy. Privacy wordt langs alle kanten met de voeten getreden, maar ze wordt tegelijk wel telkens opnieuw gebruikt ter verdediging van de vrijheid van internetbandieten. Hoe zijn we hier toch beland?
Zal zo'n verbod leiden tot een beter welbevinden bij die Australische jongeren, of juist niet? Over enkele maanden kan dat wel eens duidelijk zijn. Maar voorlopig vinden voor- en tegenstanders van een sociale-mediaverbod nog voldoende studies om hun standpunt te ondersteunen, of minstens dat van de tegenpartij in twijfel te trekken. Je vindt altijd wel een expert die je eigen opinie met een studie ondersteunt.
LEES OOK: Europa test leeftijdscontroles op het internet: is dit het einde van online anonimiteit? – Europa test een app waarmee we ons in de toekomst moeten aanmelden op het internet, om te bewijzen dat we meerderjarig zijn. Critici waarschuwen dat het systeem makkelijk te omzeilen is en ongewenste neveneffecten zal hebben, onder meer voor onze privacy. Dit is interessant, nl. een beschrijving van diverse aspecten m.b.t. privacy, zoals leeftijdscontroles, ook los van sociale media. Trouwens, 'online anonimiteit' is een uitnodiging tot bagger en misbruik; waarom zou dat moeten kunnen?
2 – Leeftijdsgrens voor sociale media? Het laatste woord is nog niet gezegd
Moeten we onze jongeren weghouden van sociale media tot hun zestiende verjaardag? Dat is geen wetenschappelijke vraag, maar een maatschappelijke. Interessant, maar zeer breed, als je het mij vraagt. Het advies van de Hoge Gezondheidsraad is dus zeker niet het definitieve antwoord. 'Dus'? Ik zie het verband niet. Benieuwd hoe Deckmyn dat gaat uitleggen.
Domonique Deckmyn, De Standaard, 5 december 2025
De wetenschap heeft gesproken. Of toch de Belgische wetenschappers. Het gaat om de HGR, de Hoge Gezondheidsraad. Sociale media hebben, over het algemeen genomen, geen netto negatieve impact op tieners. Is dat een conclusie van de HGR? Een verbod op Instagram en Tiktok onder de leeftijd van 16 jaar is daarom niet nodig. Dit in elk geval wel. Is de kous daarmee af? Natuurlijk niet. Want of we jongeren op sociale media willen zien, is in de eerste plaats geen medische (wetenschappelijke?) vraag. Het is een maatschappelijke keuze. En het is dus politiek. Wat is het nu? Als deze auteur wil zeggen dat we er met alleen wetenschappelijke rapporten niet gaan geraken, heeft hij volgens mij overschot van gelijk. Maar hij goochelt wel met begrippen. Groot en wazig vlag-en-ladingprobleem.
Vooruit-voorzitter Conner Rousseau heeft dat correct aangevoeld. Hij blijft pleiten voor een (absoluut) socialemediaverbod onder 15 of 16. Heel wat ouders hopen ongetwijfeld op dat scenario, en verscheidene Europese landen willen die richting uit. Bv. Frankrijk en Spanje; zie sectie 12.
Het advies van de Hoge Gezondheidsraad (HGR) dat donderdag verscheen, is 140 pagina's "enerzijds – anderzijds". Afweging van positief en negatief, in plaats van met en zonder. Passief scrollen door apps met verraderlijke algoritmes kan (!?) kwetsbare jongeren in een negatieve spiraal doen terechtkomen. Ik denk niet dat er jongeren zijn die daar ongevoelig voor zijn, of erdoorheen kunnen kijken. Maar actief gebruik van sociale media is voor andere jongeren een manier om een groep te vinden om bij te horen – dingen die we al een tijdje weten. (1) Vroeger bestonden daar ook methoden voor, maar daar moest je wat moeite voor doen. (2) Merk op wat hier wordt gezegd: kwetsbare jongeren kunnen door passief scrollen in een negatieve spiraal terechtkomen, andere jongeren gebruiken sociale media actief om ergens bij te horen. Qua gebrekkige aspectscheidingen kan dat tellen. Enerzijds heb je actief of passief gebruik, anderzijds heb je qua kwetsbaarheid allerlei soorten jongeren; die beide aspecten zijn onafhankelijk van elkaar, dus is het onzinnig om enkel de combinaties [passief & kwetsbaar] en [actief & anderen] voor te stellen. Wat heeft Deckmyn hiermee voor?
LEES OOK: Ouders over de smartphone van hun kinderen: "We stellen tijdslimieten in, ook voor Youtube. Dan zijn we maar niet-coole ouders" – Een socialemediaverbod voor kinderen onder 16 jaar: volgens de Hoge Gezondheidsraad is dat niet aan de orde. Maar hoe gaan ouders om met hun smartphone-hongerige kinderen? "Ik vrees de dag dat mijn dochters een gsm krijgen". Tijdslimieten instellen is één van de methoden die ouders ter beschikking hebben om schade te beperken. Een verbod zou alle ouders die zorg uit handen nemen, ook hen die er toch niks van bakken.
Dit gaat verder op "erbij horen". Maar wie de voorbije twee jaar de mediaberichtgeving volgde, kreeg een andere indruk: Instagram en Tiktok zijn vergif voor onze kinderen, de bigtechmiljardairs weten dat, maar houden het stil. Vorige maand nog raakte bekend dat Meta-baas Mark Zuckerberg in 2020 een intern onderzoek wegmoffelde dat aantoonde dat jongeren zich beter voelen als ze Instagram een week links laten liggen. Project Mercury.
En dus willen we iets doen, maar wat? De belangrijkste maatregel is eigenlijk al genomen in België: smartphones zijn uit onze scholen gebannen, waar ze nooit iets te zoeken hadden. Haast niemand was daar tegen. Oeps. Zie Smartphoneverbod. Maar over de vraag of we verder willen gaan, naar een heus verbod (van sociale media; weer een gebrekkige aspectscheiding hier), zijn de meningen meer verdeeld.
Je hoort tegenwoordig veel vergelijkingen tussen socialemediabedrijven en de sigarettenindustrie. Al gaat dat niet op: sigaretten hebben ons en onze jeugd niets positief te bieden (buiten sociale contacten en een groepsgevoel dan!!!), sociale media wel. Dit is moeilijk. "Sociale media wel" doet uitschijnen dat er met sociale media niets mis is. Ze geven jongeren inderdaad de kans om ergens bij te horen. Vroeger ging dat ook anders, maar soit; dit zijn technologisch gevorderde tijden zeker? Maar niemand schijnt zich nog sociale media zonder vergif te kunnen inbeelden. Waar blijven die? Waarom voorziet Europa geen alternatieven waarmee dezelfde voordelen kunnen geboden worden, maar zonder de nadelen van de Amerikaanse Big Tech graaicultuur? Een zinvollere vergelijking is waarschijnlijk het verkeer. Niemand wil auto's afschaffen, maar evenmin willen we kinderen onbegeleid en onvoorbereid de straat op sturen. En we willen al zeker geen twaalfjarigen aan het stuur. Een leeftijdsgrens ligt dus eigenlijk voor de hand. Deze vergelijking kwam ook al aan bod in Sociale-mediaverbod. Maar waar je die precies legt, is nog wat anders. In de VS mag je autorijden op 16, maar pas alcohol drinken op 21, wij maakten andere keuzes.
De HGR voert wetenschappelijke argumenten aan om aan te bevelen dat kinderen zelfs onder de 13 jaar op sociale media moeten kunnen (wat volgens de huidige Europese regels nochtans niet mag). Zie hoger: ze formuleren iets dat op die manier kan begrepen worden, maar evengoed geen echte bewering is. Zolang hun ouders het daarmee maar eens zijn. Dat is waarschijnlijk verdedigbaar, maar het legt de verantwoordelijkheid en dus de druk bij de ouders, en dat hebben die niet graag. Vreemd. Ouders zouden toch geen probleem mogen hebben bij verantwoordelijkheid voor hun kinderen? Maar dat geeft inderdaad druk, en velen hebben al meer dan genoeg druk door moeilijke persoonlijke of professionele omstandigheden. De invloed van neoliberalisme op maatschappelijke problemen wordt nog altijd zwaar onderschat.
Ik ben geneigd te zeggen: laat de Australiërs de kastanjes maar uit het vuur halen. Zij hebben hun keuze gemaakt. Volgende week moet je daar 16 zijn om op Instagram, Tiktok en zelfs Youtube te mogen. Over enkele maanden weten we wat dat oplevert. Stel dat het aantal gevallen van zelfdoding bij tieners er significant afneemt, dan zal de roep om een socialemediaverbod bij ons nog moeilijk te stoppen zijn. Beetje kort door de bocht, maar ik ben ook benieuwd.
3 – Een verbod op sociale media niet nuttig? Het zou goed zijn als zulke adviezen zich wat meer op de feiten baseerden
Het rapport van de Hoge Gezondheidsraad over sociale media biedt hele lappen tekst, maar beter had het de voor- en nadelen van een verbod zakelijk opgelijst, schrijft Patrik Vankrunkelsven.
Patrik Vankrunkelsven, Directeur Belgisch Centrum voor Evidence-Based Medicine (Cebam), 7 december 2025
In 2005 zat ik in een tv-programma met zanger Sergio. We kregen de vraag of onze kinderen een gsm hadden. Een toestel dat toen alleen diende om te telefoneren en berichtjes uit te wisselen (smartphones kwamen pas in 2007 op de markt). Sergio vond het nuttig om zijn kinderen te kunnen bereiken. Ik achtte het toen niet nodig; mijn kinderen waren tussen de 8 en 12 jaar oud. Twee tegengestelde antwoorden, maar of ze nu een gsm hadden of niet, het was een futiel verschil in vergelijking met de invloed die zo'n beslissing (wel of niet een smartphone) vandaag heeft voor kinderen met de alomtegenwoordige, nooit stoppende stroom van berichten, filmpjes en sociale media. Er heerst overigens ook vandaag nog een vlag-en-ladingprobleem met de termen telefoon, smartphone, dumb phone, GSM, minimal phone, mobieltje, enz. Als ik het goed heb slaat de term 'GSM' enkel nog op apparaten zonder internetconnectie (om te bellen is geen internet nodig, wel 2G of 3G).
De impact op onze samenleving en vooral op kinderen is dermate groot dat meer en meer landen beslissen om maatregelen te treffen om de blootstelling op een of andere manier te verminderen. Het kwam ook in ons land op het bord van de politiek. Het probleem werd in de schoot geworpen van de Hoge Gezondheidsraad (HGR). De HGR heeft er veel werk in gestoken en een lijvig rapport afgeleverd. Zie hoger. Het wetenschappelijke bewijs is in beeld gebracht met veel mitsen en maren. Zonder ballen.
Natuurlijk is er veel onzekerheid en meer onderzoek is nodig. Op ManagementSite: Nader onderzoek nodig? Dan weet je het al: dat wordt niks. Maar hadden we niet meer gehad aan een zakelijke weergave van de voor- en nadelen? Je moet nu door lange lappen tekst ploeteren om in het rapport van de HGR te vinden dat er wel degelijk grote risico's verbonden zijn aan het gebruik van sociale media, zoals psychisch leed, depressieve symptomen of een negatief zelfbeeld. Ook Vankrunkelsven heeft last van de loze breedsprakigheid van het rapport. Ook de fysieke gezondheid lijdt eronder: minder lichamelijke activiteit, bijziendheid en een hogere kans op obesitas. Die gezondheidsaspecten bleven trouwens wat onderbelicht. Er is een verband met anorexia, de exponentiële stijging van genderdysforie (!), het ontstaan van tics die doen denken aan het syndroom van Gilles de La Tourette, om maar enkele fenomenen te noemen die samenhangen met het gebruik van sociale media. De arts aan het woord.
Duurder griepvaccin
Echt problematisch wordt het als je naar de aanbevelingen van de HGR kijkt. Het rapport verwerpt een verbod omdat daar geen solide wetenschappelijk bewijs voor bestaat, maar het biedt wel een ellenlange lijst aan van maatregelen die helemaal niet wetenschappelijk onderbouwd zijn. Ik twijfel nog altijd om die aanbevelingen te fileren, bang om dood te gaan van ergernis. De inspanningen om die te implementeren, zouden bovendien immens zijn (inderdaad, dat zie je in een handomdraai; kijk zelf maar) en bieden geen zekerheid op resultaat. Zo leg je nog maar eens de verantwoordelijkheid bij de ouders, bij overbevraagde leerkrachten (!!!) en bij de platformen die bewezen hebben lak te hebben aan de gezondheid van de gebruikers, integendeel zelfs: ze miskennen hun eigen onderzoek of gooien klokkenluiders buiten.
Door de bril van de expert kijken, is meer een nadeel dan een voordeel, blijkt uit dit rapport. Als je al een mening hebt, dan worden feiten vaak in dat kader geïnterpreteerd. Dat klinkt niet heel logisch. Wel dat je eigen mening feiten kan kleuren, maar niet dat die experts al een mening hadden; vandaar mijn vraag naar de samenstelling van de groep. Het is niet alleen bij dit advies dat de HGR in die val liep. In het voorlaatste advies gaf de HGR in een zeer bondig rapport de aanbeveling om alle 65-plussers te vaccineren met een sterker en veel duurder griepvaccin. De bewijskracht voor een betere uitkomst is flinterdun maar de meerkost komt op tientallen miljoenen (ten voordele van sommige van die experts…?). Ook hier ware een droge wetenschappelijke benadering beter geweest: namelijk dat er grote onzekerheid bestaat over enig voordeel maar er is wel grote zekerheid omtrent de extra kost. Ook hier: wie zat er dan in die adviesgroep? Als je 300 beëdigde experten ter beschikking hebt zijn er altijd wel een aantal die al "expertise", en dan ook een mening (!), hebben op het onderzoeksterrein.
In adviezen aan de overheid moet meer energie gaan naar het objectief en neutraal in kaart brengen van de feiten en minder naar het verdedigen van expertgebonden inzichten. Hij trekt het hier wel strak door, vind ik. In het weergeven van de feiten zijn methodologisch (?) geschoolde wetenschappers beter geschikt dan bevooroordeelde experten. Uiteraard, maar waarop baseert hij zijn eigen mening dat 'experten' bevooroordeeld zijn, ook al is dat (met wat persoonlijke vooroordelen…) wel te verwachten? Expert-gebaseerde aanbevelingen zijn alleen valabel wanneer hard bewijs bekomen onredelijk veel inspanningen zou vergen, als de voordelen (van expert-gebaseerde aanbevelingen) zwaarder wegen dan de nadelen én als je zeker bent dat de aanbeveling bijna voor alle betrokkenen voordelen biedt (?). De aanbeveling van de HGR die stelt dat een verbod op gsm of sociale media niet nuttig is, voldoet niet aan die voorwaarden. Er is met andere woorden geen grond voor die stelling. Het is in deze omstandigheden aan de overheid om beslissingen te nemen. Daarbij kan ook rekening gehouden worden met andere input, zoals bijvoorbeeld die van ouders en van leerkrachten. Met dat laatste ben ik het helemaal eens. Vankrunkelsven ergert zich duidelijk ook aan de stelling van de HGR dat alle wettelijke maatregelen moeten gebaseerd zijn op wetenschappelijke bewijs. De opmerking dat ouders en leerkrachten (inderdaad, die twee groepen) hierin betrokken zouden moeten worden is meer dan terecht. Merk ook op dat de HGR met die stelling 'mogelijk' :-) de arm wil omdraaien van de overheid, om zijn gelijk te verdedigen. Mijn eerste reactie (van onbegrip) op het advies van de HGR over het sociale-mediaverbod is intussen wel verstevigd door lezing van uit het rapport.
LEES OOK: Ouders over de smartphone van hun kinderen: "We stellen tijdslimieten in, ook voor Youtube. Dan zijn we maar niet-coole ouders" – Een socialemediaverbod voor kinderen onder 16 jaar: volgens de Hoge Gezondheidsraad is dat niet aan de orde. Maar hoe gaan ouders om met hun smartphone-hongerige kinderen? "Ik vrees de dag dat mijn dochters een gsm krijgen".
GSM of smartphone? Vlag-en-ladingprobleempje… Dit is vooral een reportage over de bezorgdheden van ouders met de overname van hun kinderen door sociale media.
4 – Is het Trump en Musk ontgaan dat Australië sociale media voor kinderen verbiedt?
Of een verbod op sociale media de beste manier is om kinderen tegen schadelijke invloed te beschermen, zal nog moeten blijken uit het Australische experiment. Maar het land trekt wel een duidelijke lijn: het is niet aan de techreuzen om het beleid daarover te bepalen.
Lieven Sioen, Chef economie, De Standaard, 10-12-2025 Benieuwd wat een chef economie kan bijbrengen aan de discussie.
De Australische premier Anthony Albanese schuwde de grote woorden niet toen woensdag in zijn land een experiment van start ging waar de hele wereld met grote aandacht naar kijkt: "Dit wordt een van de grootste sociale en culturele veranderingen in ons land." Sinds 10 december is het tien sociale media verboden om nog min 16-jarigen op hun platform toe te laten. Het is aan de techreuzen om de leeftijd te controleren en zij riskeren boetes die oplopen tot 28 miljoen euro. De wet is er gekomen onder druk van opvoeders en ouders (tegen de wetenschappers in?), onder wie nabestaanden van kinderen die door het algoritme van sociale media in een rabbit hole van zelfhaat tot zelfdoding zijn gesleurd.
Die verregaande inperking van vrijheid is een wereldprimeur. In België oordeelde de Hoge Gezondheidsraad vorige week nog dat een sociale-mediaverbod onder de 16 jaar niet aan de orde is. Onvergeeflijk. Ouderlijk toezicht en mediawijsheid kunnen volstaan om jongeren te beschermen tegen schadelijke inhoud (volgens de HGR). Alvast Conner Rousseau (Vooruit) pleit ervoor om als overheid een stap verder te zetten. Doen, jong.
Uiteraard zijn er bedenkingen te maken bij de Australische ban. Sociale media kunnen kwetsbare jongeren uit hun isolement halen. Dat verhaal weer. Er zijn andere manieren om kwetsbare jongeren uit hun isolement te halen. Bovendien houdt een leeftijdscontrole risico's in voor de privacy (zie ook: Europa test leeftijdscontroles op het internet: is dit het einde van online anonimiteit?; alsof online anonimiteit zo positief is…), en zou die gemakkelijk te omzeilen zijn (zoals de meeste IT-beveiligingen). Dat laatste is alvast een non-argument. Autorijden, alcohol of roken voor jongeren moet verboden kunnen worden, ook al kunnen ze die wet overtreden. Hij heeft wel een punt: de omzeilbaarheid van controles wordt door tegenstanders ál te gemakkelijk aangehaald als argument om die controles niet in te voeren. Zie ook de discussie tussen over roken en vapes in De Afspraak van 23-04-2026.
Fundamenteler is de vraag of een verbod geen te bot instrument is om met de complexiteit van een snel veranderende digitale samenleving om te gaan. Omdat een complexe samenleving ook complexe maatregelen nodig heeft? Of zijn het de complexe maatregelen (zoals geraffineerde instrumenten) die de samenleving complex maken? En of daarmee niet wordt voorbijgegaan aan de kern van het probleem: dat fake news, cyberpesten, oplichting of hersenloze afstomping de sociale media overspoelen, omdat dat commercieel rendeert. Bagger overspoelt de sociale media omdat zoveel mensen hun bagger kwijt willen, en sociale media een handig middel zijn daarvoor. De techreuzen verdienen massa's aan reclame via sociale media, en laten daarom alles wat dat niet tegenwerkt graag gebeuren. De techreuzen claimen de absolute vrijheid om dat zelf te reguleren. (1) Dat kunnen ze immers niet zelf reguleren; bagger zoekt zich altijd een weg. (2) Het verschil tussen een verbod en de bestrijding van bagger is immens. Als we de jongeren willen beschermen tegen bagger, en de techreuzen de bagger niet kunnen of willen weren, dan is een verbod voor jongeren de enige oplossing. Niet? Probleem is dan wel dat de 'volwassenen' (en de vraagt blijft in hoever 16-jarigen al volwassen zijn) onderhevig blijven aan fake news, cyberpesten, oplichting en hersenloze afstomping. Maar die worden verondersteld in staat te zijn om daar zelf mee om te gaan. Toch? Ik betwijfel zelfs of 'volwassenen' (ik maak misbruik van een vlag-en-ladingprobleem) wel in staat zijn om zich weerbaar op te stellen tegen bagger.
Australië trekt ook die lijn duidelijk in het zand: het is niet aan de techreuzen om het beleid van democratieën te bepalen. Kijk. Dat is exact wat ook de EU claimt: het recht om hun marktmacht en de inhoud op hun platformen aan Europese regels te onderwerpen. En of. Voor de regering van de Amerikaanse president Donald Trump is dat niet alleen een inbreuk op de vrije handel, maar vooral ook een hindernis voor zijn ideologisch project om de soevereiniteit en de eenheid van de EU te breken. Oeps. Over de ban in Australië heeft Trump zich nog niet uitgesproken. Elon Musk verklaarde de wet te zullen respecteren. Geweldig. Het beschermen van kinderen valt natuurlijk moeilijker te bashen dan het beknotten van hate speech. Maar Australië en de EU voeren wel dezelfde strijd. Australië heeft het wel gemakkelijker, zonder buren.
5 – Waarom Europa niet zal buigen voor de druk van Trump en zijn bigtechvrienden
De Verenigde Staten eisen steeds openlijker dat Europa zijn digitale regelgeving verder afzwakt. Maar voor de Commissie en het Europees Parlement zou dat de knieval te veel zijn. Hopelijk.
Bart Beirlant, De Standaard, 10 december 2025
Nog nooit waren er zoveel blauwe Europese vlaggen te zien op X als de voorbije dagen. Dat was volledig te danken aan Elon Musk, die op zijn platform een collage had gepost van een Europese vlag én de nazivlag en pleitte voor de opheffing van de Europese Unie. Daar dienen die platforms dus voor… De zot.
Musk reageert al dagenlang zijn woede af op de Commissie, die hem een boete van 120 miljoen euro oplegde wegens overtreding van de Digital Services Act (DSA). Het was een primeur onder de wetgeving die in 2024 van kracht werd. Volgens de Commissie kan, noch wil X garanties of transparantie geven over de echtheid van accounts of advertenties en stelt het platform zijn gebruikers bloot aan het risico op desinformatie en oplichting. Zoals elk sociaal medium; de eigenaardigheden van de mens roei je niet uit. Daarom will Big Tech iedereen vervangen door AI en robots.
Samen met de Digital Markets Act (DMA) vormt de DSA een tweeluik waarmee de Europese Unie zelf haar normen wilde opleggen in plaats van het internet over te laten aan de willekeur van een handvol Amerikaanse giganten. Onder de DMA legde de Commissie dit voorjaar al boetes op van 500 miljoen aan Apple en 200 miljoen aan Meta.
"Ik denk niet dat dat terecht is. Ik zie niet hoe ze dit kunnen doen. Kijk, Europa moet zeer voorzichtig zijn", reageerde Trump op de boete voor X. De Amerikaanse regering beschuldigt de EU er al langer van dat ze succesvolle Amerikaanse bedrijven extra belastingen oplegt. En nu vrijwel alle ceo's van de bigtechbedrijven handjeklap doen met Trump, hebben ze één agenda: de Europese digitale regelgeving afzwakken onder druk van Washington. Een vreemde dynamiek is het. De actie van Amerika op dit vlak lijken wel tegelijk een kwade reactie op wat Europa doet, en een aanzet voor Europa om het been stijf te houden.
"Pure chantage"
Dat werd ruim een week geleden overduidelijk bij de onderhandelingen tussen de Commissie en Howard Lutnick, de Amerikaanse minister van Handel, over de tarieven die de Verenigde Staten eerder dit jaar invoerden tegen producten uit de EU. De Commissie dringt erop aan dat de VS de zware invoertarieven van 50 procent op staal en aluminium uit de EU verminderen. Daar kan alleen over gepraat worden als de EU bereid is haar digitale regelgeving te herzien, reageerde Lutnick. Geld regeert.
"Pure chantage. Dat zullen we niet aanvaarden", reageerde Teresa Ribera. De Spaanse sociaaldemocrate is de facto de nummer twee van de Europese Commissie, en is bevoegd voor concurrentiebeleid. Vanuit de sociaaldemocratische fractie in het Europees Parlement kreeg ze de opdracht steviger weerwerk te bieden tegen de druk vanuit de VS. Dinsdag opende ze een nieuw onderzoek tegen Google wegens mogelijk misbruik van onlineartikels om zijn AI-systemen te trainen.
Genoeg gepleased
Ook de Finse christendemocrate Henna Virkkunen, binnen de Commissie bevoegd voor toepassing van de digitale regels, is duidelijk: "Over onze digitale wetgeving kan niet onderhandeld worden."
Voor dat laatste is er in de verste verte geen bereidheid in het Europees Parlement, dat in 2022 (toen Joe Biden nog op de troon zat) zowel de DSA als de DMA goedkeurde met zelden geziene meerderheden. Zeker bij de pro-Europese fracties leeft het gevoel dat de EU al genoeg door de knieën is gegaan om Trump te "pleasen". De EU-lidstaten die lid zijn van de Navo slikten al een drastische verhoging van de defensie-uitgaven. De Commissie ging akkoord met een algemeen invoertarief van 15 procent om een handelsoorlog te vermijden. En onlangs stelde ze voor om de privacywetgeving en de AI-wetgeving af te zwakken.
Bovendien is de aanval vanuit de VS doorzichtig. Om te camoufleren dat ze de Amerikaanse bigtechbedrijven de vrije hand willen geven, beschuldigen Trump en zijn acolieten de EU van censuur en presenteren ze hun strijd voor vrije meningsuiting als onderdeel van de cultuurstrijd met Europa. "De EU zou free speech moeten aanmoedigen in plaats van Amerikaanse bedrijven aan te vallen over rommel", zei vicepresident J.D. Vance na de boete voor X. Geen commentaar. Ik probeer neutraal te blijven, ook al lukt dat niet altijd.
"Censuurregime"
Michael Kratsios, wetenschappelijk adviseur van Trump, verweet de EU maandag "een censuurregime" in stand te houden dat "gericht is tegen grote Amerikaanse bedrijven en onze vrijheid van meningsuiting ondermijnt. " Volgens hem beboette de EU X op basis van "valse beschuldigingen". Het is opvallend hoe gemakkelijk de 'vrijheid van meningsuiting' wordt gebruikt als wapen, net zoals privacy en de antisemitisme. Allemaal vlag-en-ladingproblemen.
Volgens de Europese Commissie is dat volkomen naast de kwestie. "Er is geen sprake van censuur, want de Commissie vraagt de platforms niet om inhoud te verwijderen", zei woordvoerder Thomas Regnier. Voila. "We vragen hen gewoon om hun eigen algemene voorwaarden te doen naleven. In de VS willen ze ook geen terreurboodschappen online zien en willen ze ook geen seksueel kindermisbruik online zien. Wij blijven kalm en passen onze wetgeving toe."
Thierry Breton, in de vorige Commissie bevoegd voor de interne markt, merkte onlangs in The Guardian op dat er "een steeds grotere kloof van onbegrip ontstaat tussen Europa en de VS als het gaat om digitale regelgeving". Het gaat de VS blijkbaar vooral om geld.
Aangezien Trump zijn techvrienden niet zal laten vallen en de EU-instellingen niet zullen toegeven aan de Amerikaanse druk om hun digitale regelgeving te herzien, is de boete voor X maar een voorproefje van een strijd die de komende jaren zal doorgaan. Nog af te wachten. Martin Wolf, columnist bij The Financial Times, merkte onlangs op dat de bigtechbedrijven in de VS "de volledige controle lijken te hebben over het buitenlandbeleid van de VS. Dat is echt heel bijzonder (huh?)." De wereld gaat al klimatologisch ten onder aan een doorgeslagen neoliberale economie. Big Tech probeert het onderste uit de kan te halen, zolang dat nog kan. In het beste geval is het een stuiptrekking van een onhoudbaar systeem.
6 – Een verbod op sociale media voor kinderen is een vreselijk idee
Sociale media verbieden voor jongeren tot 16 jaar is onbegonnen werk (Australië bewijst dat het kan) en bovendien een vreselijk idee, schrijft Wouter Duyck. Sociale media veroorzaken geen hersenschade (wie zegt iets over hersenschade??) bij kinderen. Ouders moeten gewoon overmatig gebruik tegengaan. De speciale communicatiestijl van Duyck bleek eerder al, in een reactie op het taalplan van Zuhal Demir; zie hier.
Wouter Duyck, hoogleraar cognitieve psychologie (UGent), De Standaard, 18-12-2025
Vandaag, vrijdag, buigt de Vlaamse regering zich over haar plan mediawijsheid. Twee coalitiepartners (Vooruit en CD&V) blijven een socialemediaverbod genegen voor jongeren tot 16 jaar. Ondanks een negatief advies van de Hoge Gezondheidsraad blijft het paniekerige buikgevoel (?) van sommige politici opspelen. Bewijzen van het eigen gelijk zijn altijd waardevol. Kinderen en ouders verdienen beter. Ouders hebben zelf een paniekerig buikgevoel als ze hun kinderen bezig zien. De kinderen van Ducyk (1977) moeten toch ook opgegroeid zijn met smartphones? Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat de sociale media de hersenen van onze kinderen noch hun mentaal welzijn beschadigen. Gezond verstand, mediawijsheid en opvoeding volstaan. Voor wie dat kan bijbrengen…
Zodra nieuwe dingen de wereld overspoelen, worden mensen bang. Fietsen, televisie, zelfs boeken. Ze zouden allemaal onze kinderen kapotmaken. Huh? Hij begint al dadelijk met de haren te trekken. Honderd jaar geleden waarschuwde men in de krant zelfs eens dat kinderen te veel speelden. Toen ze nog moesten gaan werken zeker? Geen van die waarschuwingen heeft fietsen, boeken of spelen uitgeroeid, en gelukkig maar. Onvermijdelijkheden herhalen zich altijd: ook socialemediagebruik door jongeren zal nooit meer verdwijnen. Je krijgt de tandpasta nooit meer terug in de tube. Zo werken sociale media immers niet. Eerder wel als een stofzuiger, die het gewone leven uit iedereen zuigt.
Dat is ook niet erg. Smartphones en sociale media maken onze kinderen níét kapot. Wat is kapot? Is een dergelijke bewering wel zinvol? Overdrijvingen nodigen meestal niet uit tot reflectie. Politici die beweren dat ze dat wél doen en dat ze zelfs hersenschade veroorzaken (wie zegt dat?), plaatsen zichzelf buiten de wetenschap (en is dat erg?; als het over menselijk gedrag gaat is wetenschap ook niet zaligmakend). Volgens het tijdschrift Trends in Cognitive Sciences (zijn vakliteratuur) zijn er geen aanwijzingen dat internet- en technologiegebruik de ontwikkeling van het brein beschadigt. In een bijdrage van experten in Sociale-mediaverbod is er sprake van impact, maar niet van beschadiging. En uit het grootste onderzoek van herhaalde kinderhersenscans ooit (bij meer dan 12.000 9-jarigen, in het tijdschrift Cortex) bleek dat schermgebruik de hersenen niet beschadigt en zelfs niet aantoonbaar hervormt. Ik had verwacht dat cognitief psychologen te slim zouden zijn voor dergelijke uitspraken. Termen als hersenschade of hersenrot doen het misschien goed in politieke advertenties op Tiktok, ironisch genoeg gericht aan jongeren, maar niet in de wetenschappelijke literatuur. De hele pruik afgerukt. Zou Duyck niet beseffen dat je voor inzicht in de impact van sociale media op jongeren niet bij TikTok moet zijn?
Uiteraard speelt hier weer een vlag-en ladingprobleem: wat bedoel je met 'hersenschade'? Fysieke schade aan de hersenen, zou ik denken, en dat is de soort schade die je kan zien op een hersenscan. Nu kan ik mij ook voorstellen dat politici (en anderen) spreken over hersenschade als ze denken aan 'beschadigd gedrag' als gevolg van confrontatie met schadelijke informatie. Wat ik mij echter niet kan voorstellen is dat Wouter Duyck niet snugger genoeg zou zijn om het verschil te zien. Dat hij dit vlag-en-ladingprobleem gebruikt om 'politici' te beschadigen lijkt mij dan ook een vorm van beschadigd gedrag.
Beroemd zonder bewijs
Sociale media maken onze kinderen ook niet ongelukkig, al beweren dezelfde politici dat ze behalve hersenschade (hij houdt stug vol) ook depressies en een laag zelfbeeld veroorzaken. Weinig kwesties werden de voorbije jaren vaker onderzocht en geen enkele studie leverde het onweerlegbare bewijs waarmee elke wetenschapper wereldberoemd kon worden (vreemde vorm van sarcasme?). Zoals gezegd: als het gaat over menselijk gedrag, heb je weinig aan de wetenschap. Sommige wetenschappers, zoals Jonathan Haidt, werden dan maar beroemd zonder dat bewijs. Wat moest bewezen worden. Maar ook dát is allicht sarcastisch bedoeld. Uit tientallen studies is intussen gebleken dat het oorzakelijke verband tussen sociale media (althans het schadelijk gebruik daarvan) en mentaal welzijn niet aangetoond is. Omdat er geen verband is, of omdat de wetenschap dat niet aangetoond krijgt, of iets daartussen. Man toch.
En zelfs als er wél iets gevonden wordt, is de associatie zwak. De wetenschappelijke literatuur zit vol zwakke associaties. Het mentale welzijn van onze jeugd wordt welgeteld voor 1 procent (en waar zou dát dan wel vandaan komen?) verklaard door socialemediagebruik. Als dat een verbod moet rechtvaardigen, dan kan ik nog wel een honderdtal dingen opsommen die verboden moeten worden. Interessant! Ik ben benieuwd. Krijgen we misschien weer wat greep op de jeugd… En natuurlijk kunnen sommige specifieke kanalen schadelijk zijn voor wie pakweg een eetstoornis heeft. De gemakkelijke weg van de individuele kwetsbaarheid. Opvoeding blijft maatwerk. Maar gerichte opvolging is veel beter dan de volledige bevolking te pathologiseren. Wie doet dat dan? En ging het niet alleen om jongeren? Onthouding van sociale media of strengere regels op school verbeteren het mentale welzijn niet, bleek onder meer uit Vlaams onderzoek in Nature. Vermoedelijk gaat het om dit rapport, van Duyck's collega Laura Lemahieu, gepubliceerd in Scientific Reports, en vindbaar op de site van Nature. Dit kwam ook al eerder aan bod in Sociale-mediaverbod, meer bepaald hier. Van "strengere regels op school" is hier echter geen sprake; Duyck doelt waarschijnlijk op het smartphoneverbod in scholen sinds september 2025.
We voeden onze kinderen steeds meer op door hen krampachtig af te schermen van elke uitdaging, in de ijdele hoop dat ze dan vanzelf gewapend zijn om de wereld aan te kunnen zodra ze 16 of 18 worden. Alsof mentale veerkracht geleverd wordt met een identiteitskaart bij een bepaalde leeftijd. Altijd die weinig effectieve manier van communiceren. De echte welzijnsproblematiek bij onze jeugd heeft meer te maken met dat waanidee dan met Instagram. Als je kinderen wilt klaarstomen voor de wereld, laat hen dan de wereld zien in plaats van die te verbergen. Mét een vaste ouderhand. Ik wil nog wel veronderstellen dat Duyck's opinie waardevolle elementen bevat, maar op deze manier gaan ze wel verloren. Artikelen als dit zijn moeilijk serieus te bespreken.
Van leven ga je dood
Zijn er dan géén gevaren? Toch wel. Overmatig gebruik vergroot de kans op jeugdig brillen en avondlijk schermlicht verstoort de slaap. Fysische effecten, mogelijk zelfs wetenschappelijk aantoonbaar… Net zoals te veel ijsjes eten overgewicht veroorzaakt en voetbal knieletsels. Zelfs van leven ga je uiteindelijk dood. Het antwoord op al die risico's is uiteraard gezond verstand, matiging en een gevarieerde tijdsbesteding. Zes uur tiktokken per dag is geen goed idee voor een twaalfjarige, maar dagelijks zes uur tv-kijken of zelfs hardlopen ook niet. Laat ouders hun kinderen opvoeden. Ze kunnen dat beter dan regeringen. Zonder meer kortzichtig, in feite. Wat volgt is niet beter.
Dit gaat niet om aangetoonde risico's, wat wel het geval is bij pakweg tabak. Het gaat niet om volksgezondheid, maar om een eigen particulier idee van de perfecte opvoeding. Wie dat idee in wetten wil gieten, zal zich ook over een maximale hoeveelheid ijsjes moeten buigen, met uiteraard een ijsjescontroleur, of QR-codes op de hoorntjes. Met leeftijdscontrole, dus ook de privacy van volwassenen moet worden opgeofferd aan dat ideetje. Dat zie ik niet.
Zulke vrijheidsbeperkingen zijn nooit afdwingbaar. Wie zal de 14-jarige afhouden van de verboden Instagramvrucht? Je kunt ze gewoon niet verbieden, net zo min als boeken, televisie en ijsjes. Australië, mr. Duyck?
Nieuwe technologie heeft ook altijd positieve effecten. Niet per se. Tenzij je de boekhouding van Big Tech bedoelt. Actieve gebruikers van sociale media hebben ook in het echte leven méér vrienden. Volgens welk rapport? De fijne motoriek van peuters verbetert als ze een tablet gebruiken. Volgens welk… Van te gamen krijg je net bétere aandachtsfuncties …voor games, ja. Om nog te zwijgen van de toegankelijkheid van informatie uit de hele wereld. Zelfs dát zgn. positief aspect is aanvechtbaar.
Alle remmen overal los dan maar? Zeker niet. Een algemeen verbod op sociale media is een verschrikkelijk idee, maar een smartphoneverbod in de klas is zeer wenselijk. Onze hersenen kunnen niet multitasken en je kunt niet studeren als je voortdurend wordt afgeleid. Leer kinderen om tijd en aandacht op één ding tegelijk te focussen. De klas is voor de leraar. Thuis 50 minuten studeren en 10 minuten sociale media als ontspanning kan. Maar niet tegelijk. En 50 minuten sociale media voor 10 minuten studeren, u raadt het al. Gezond verstand, opvoeding en mediawijsheid volstaan.
Dus, beste ouders, wees aandachtig voor overmatig gebruik en verslaving. Beperk niet alleen de consumptie van ijsjes, maar ook van sociale media. Dat wist u natuurlijk al. En beste politici, wees voorzichtig met woorden zoals "hersenschade". De aarde is niet plat. Over het gebruik van de term 'hersenschade' door politici kon ik niets terugvinden.
Duyck houdt vol dat mediawijsheid het probleem moet oplossen, net als anderen die om wat voor redenen dan ook gekant zijn tegen een verbod. Waar was die mediawijsheid de laatste paar decennia, tijdens de groei van dat probleem? Pas sinds er sprake is van een verbod wordt mediawijsheid erbij gesleurd. Te laat de put gevuld als het kalf verdronken is.
7 – Vooruit en CD&V halen bakzeil: geen verbod op sociale media voor kinderen onder 16 jaar
Belga, 20-12-2025 (1) Waarom staat hier geen auteur bij?? Komt dit vanuit de Vlaamse regering misschien? (2) Aan die "halen bakzeil" kan je nog "sliep, sliep" toevoegen.
Vlaanderen voert geen verbod in op sociale media voor jongeren tot 16 jaar. In het actieplan 'Veilig online' van minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) worden de risico's voor jongeren wel erkend, maar een totaalverbod komt er niet. In plaats daarvan wil Van Achter socialemediabedrijven dwingen om jongeren beter te beschermen. Bedrijven die weigeren, riskeren dat hun platform offline wordt gehaald. Zo'n zwaar dreigement?! Doet mij denken aan de muntjak en de neushoorn.
De discussie over de impact van sociale media op jongeren woedt al langer, ook in Vlaanderen. Jongeren worden er geconfronteerd met schadelijke inhoud, onveilige interacties, verslavende algoritmes en desinformatie. De vraag is niet of er een probleem is, maar hoe de overheid moet ingrijpen. Ook ouderen worden geconfronteerd met bagger, maar die moeten er maar tegen kunnen…? Geen bagger was allicht beter, maar hoe doe je dat, als elke individuele gebruiker met bagger in zijn hoofd eenvoudig en anoniem zijn gevoeg kan spuien op 'sociale' media (een serieus vlag-en-ladingprobleem trouwens, die 'sociale'…)? Ofwel is bagger mijden technisch zeer moeilijk, ofwel zijn er machtsgroepen die iets winnen bij bagger. Om beide mogelijkheden te omzeilen is een verbod voor de hand liggend. Een verbod, of zelfs een dreiging daarmee, zou bovendien producenten kunnen aanzetten om iets te verbeteren.
Verdeelde meningen binnen de regering
Politiek lagen de standpunten ver uiteen. Regeringspartijen Vooruit en CD&V pleitten voor een minimumleeftijd van 15 of 16 jaar, naar het voorbeeld van Australië. N-VA verzette zich tegen zo'n totaalverbod en kreeg daarbij steun van een recent advies van de Hoge Gezondheidsraad (HGR). Die pleitte wel voor betere bescherming van jongeren, maar niet voor een algemeen verbod. Zie sectie 1.
Volgens Van Achter staat er bewust geen verbod tot 16 jaar in het actieplan. Toevallig zal dat allicht niet zijn, nee. 'We willen onze tieners net beter beschermen. Wat houdt u dan tegen? Een verbod zal het omgekeerde effect hebben: sociale media verdwijnen niet, maar worden taboe', zegt ze. En dat mag niet, of zo? 'Voor veel jongeren zijn sociale media ook een bron van steun, expressie, informatie en gemeenschap.' (1) Dat is de theorie; de praktijk toont vooral de gevolgen van bagger. (2) De wereld heeft het tussen WO II en zowat 2005 nochtans niet zo slecht gedaan, zonder 'sociale' media (3) En opnieuw die bedenking: waarom kunnen we in 's hemelsnaam geen sociale media krijgen zonder bagger??
Kritiek op leeftijdsverificatie en verbodslogica
De minister verwijst naar het HGR-rapport om te waarschuwen voor de keerzijde van leeftijdsverificatie. Zulke systemen kunnen privacyproblemen veroorzaken (stierenmest) en 'een vals gevoel van veiligheid creëren'. Huh? Bovendien zouden jongeren uitwijken naar minder gereguleerde en mogelijk schadelijkere platformen, zoals game-omgevingen of berichtenapps. In de Nederlandstalige versie van het HGR-rapport staat geen jota over het verband tussen privacy en leeftijdscontroles. Kan dat zomaar?
Daarom schuift Vlaanderen de verantwoordelijkheid expliciet door naar de techbedrijven zelf. Op zich niks mis mee, maar het schijnt niet te lukken om de medewerking van die mastodonten te krijgen. Voor een verbod heb je die medewerking niet nodig. Het actieplan eist een effectieve handhaving van bestaande regels: een echte leeftijdsverificatie tot 13 jaar, het stopzetten van verslavende algoritmes die oneindig scrollen aanmoedigen en een verbod op gepersonaliseerde advertenties voor minderjarigen. En het wegfilteren van bagger?? Ik kan mij inbeelden dat het filteren op rommel niet eenvoudig is, maar ook dát is weer een extra reden voor een verbod.
LEES OOK: 'Verbod op sociale media voor kinderen klinkt daadkrachtig, maar biedt enkel een schijnveiligheid' – 'Onze kinderen verdienen niet minder internet. Ze verdienen een béter internet', schrijft Nel Broothaerts, CEO van Child Focus. Een hartstochtelijke verdediging van het N-VA standpunt, en meteen een mooi voorbeeld van het dempen van een put als het kalf al op de bodem ligt.
Strengere handhaving en mediawijsheid
Vlaanderen wil ook strenger toezien op de naleving van die regels. 'Het principe is eenvoudig: wie structureel weigert kinderen en jongeren te beschermen, verliest het recht op onze markt', stelt Van Achter. Ze blaast koud en warm tegelijk. 'Zoals we onveilige producten uit de rekken halen, kunnen we ook digitale platformen tijdelijk offline halen als ze niet aan veiligheidsnormen voldoen.' Doe dat dan meer eens. Redenen genoeg, toch? Of gaan we dan teveel op Rusland gelijken?
De minister verwijst daarbij naar de beslissing van de Europese Commissie om TikTok Lite te verbieden wegens overtredingen van Europese regels. Ook desinformatie staat hoog op de agenda. Meta haalt naar schatting zo'n 10 procent van zijn omzet uit nepadvertenties. Volgens Van Achter is het probleem dan niet dat ingrijpen (tegen bagger) 'te moeilijk' zou zijn, maar dat het (niks doen) 'te rendabel' blijft. 'Wat offline illegaal is, mogen we online ook niet tolereren.' En dan begint de strijd tegen de lobbyisten…
Naast bescherming zet het actieplan ook in op versterking. Mediawijsheid moet een 'basiscompetentie voor elke Vlaming' worden. Jong en oud moeten leren nep van echt te onderscheiden en weerbaarder worden tegen desinformatie, deepfakes en AI-gestuurde beïnvloeding. Ik probeer de beide standpunten te begrijpen, maar die 'mediawijsheid' past daarbij als een tang op een varken. Wat moet je met mediawijsheid tegen bagger? Een kind dat het slachtoffer wordt van sexting heeft niks aan mediawijsheid. En probeer pubers maar eens mediawijs te krijgen. Boter aan de galg. Trouwens, wie wil zich bezighouden met echt van nep te onderscheiden? Wie wil in feite nep? Zullen we dat eens uitzoeken…?
8 – Noem voorstanders van verbod op sociale media niet zomaar 'digifoben'
Het is al te gemakkelijk om kritische stemmen over sociale media weg te zetten als complotdenkers, meent Jeff Spiessens.
Jeff Spiessens, Leerkracht mediakritiek, De Standaard, 21 december 2025
In Empire of pain, een meesterwerk van onderzoeksjournalistiek, reconstrueert Patrick Radden Keefe hoe de Verenigde Staten in de greep raakten van de opioïdencrisis. Publicaties en artikelen in wetenschappelijke tijdschriften, die meer reclame waren dan ernstige studies, speelden daarin een belangrijke rol. De familie Sackler, eigenaars van Purdue Pharma, slaagde erin om een hele natie te overtuigen van het feit dat het superkrachtige en verslavende OxyContin een redelijk onschuldig medicijn was voor iedereen en alles. Kritische stemmen werden beticht van opiofobie: een irrationele angst voor opioïden. Critici werden bestempeld als irrationeel, want er waren voldoende wetenschappelijke studies die aantoonden dat OxyContin niet verslavend was en niet schadelijk voor de gezondheid. Waar is Duyck nu?
Meer, in 1995 werd het middel goedgekeurd voor alledaags gebruik door de Food and Drug Administration. Een bijzonder schadelijk en verslavend product kreeg de goedkeuring van een overheidsinstantie die verantwoordelijk is voor de bescherming van de volksgezondheid. Daarin speelde de aura van wetenschappelijkheid die het product vanwege de genoemde artikelen en publicaties genoot een belangrijke rol. En waar is de wetenschap nu? Wie durft immers 'de wetenschap' tegen te spreken? Opiofoben natuurlijk. En wie weet het beter dan officiële instanties? Complotdenkers.
Het verhaal dat Keefe vertelt, is geen unicum. Hijzelf wijst op duidelijke parallellen met de tabaksindustrie, waarbij telkens dezelfde redenering terugkeert: het probleem ligt niet bij het product, maar bij de gebruiker, die zijn verantwoordelijkheid moet nemen – eventueel geholpen door zijn omgeving. Oeps, waar hebben we dit nog gehoord?
Die logica is niet verdwenen. Integendeel, ze duikt vandaag opnieuw op (dit is 21 december, drie dagen na het artikel van Duyck) in het debat over sociale media en jongeren. Ook hier wordt een potentieel schadelijk product voorgesteld als fundamenteel neutraal, terwijl de verantwoordelijkheid vrijwel volledig wordt doorgeschoven naar ouders, leerkrachten en gebruikers zelf. Zo besliste de Hoge Gezondheidsraad recent dat een verbod op sociale media voor min 16-jarigen niet zinvol is. De Vlaamse regering gaat mee in die redenering. Volgens Patrik Vankrunkelsven, directeur van het Belgisch centrum voor evidence-based medicine, houdt dat een verschuiving in van de verantwoordelijkheid naar "ouders en overbevraagde leerkrachten" (voor het bijbrengen van de nodige mediawijsheid). Zie ook de reactie van Vankrunkelsven in sectie 3.
Het blijft verbazend hoe de geschiedenis zich herhaalt, en de maatschappij daar weinig van leert. Een vergelijking van de sociale media met tabak en opioïden ligt voor de hand. En toch worden de overeenkomsten sneller genegeerd dan beschreven. Dit wijst allicht op kortzichtigheid van de politiek, en beperkingen van de democratie. Het volk weet het niet altijd beter, en in de politiek is overlevingsdrang groter dan gezond verstand.
Wouter Duyck, hoogleraar cognitieve psychologie aan de UGent, gaat nog een stapje verder. Volgens hem is een verbod niet alleen onnodig, het zou zelfs een "vreselijk idee" zijn. Hij vergelijkt ouders en politici die voorstander zijn van een verbod met 'platte aarde'-complotdenkers. Volgens hem is er enkel een probleem met "overmatig gebruik". Om dat in te perken volstaan volgens hem "gezond verstand, opvoeding en mediawijsheid". Kortom, de verantwoordelijkheid wordt opnieuw bij de gebruiker en zijn omgeving gelegd. Niet bij het product. Duidelijk, toch?
Voorstanders van een verbod worden weggezet als een equivalent van de opiofoben. Het zijn digifoben (de term komt van Spiessens, niet van Duyk), die wetenschappelijke feiten en inzichten zouden ontkennen. Om die gedachte kracht bij te zetten, verwijst Duyck naar drie wetenschappelijke studies die zouden aantonen dat de schade die sociale media aanrichten minimaal is. In sectie 6 hierboven worden geen specifieke studies genoemd, maar wordt wel gezegd dat onderzoek uitwijst dat sociale media de hersenen niet beschadigen, wat duidt op een flagrante negatie van het verschil tussen fysieke en mentale beschadiging; gebrekkige aspectscheiding dus. Op zich neutrale studies worden al te dikwijls gekneed en vervolgens politiek misbruikt. Die studies laten blijkbaar toe om de link tussen mentaal welzijn en sociale media heel precies in cijfers uit te drukken: "Het mentale welzijn van onze jeugd", schrijft hij, "wordt welgeteld voor 1 procent verklaard door socialemediagebruik." Vond ik ook al straf. Maar Duyck had het misschien niet zo letterlijk bedoeld…? Zijn grove conversatiestijl maakt eerlijke discussies wel moeilijk.
Dat er voor ieder van de studies honderd bestaan die het tegendeel bewijzen (is dat zo?), daarover geen woord. Dat talloze voormalige ontwikkelaars van socialemedia-apps zélf getuigen dat ze hun producten bewust zo verslavend mogelijk maakten, daarover geen woord. Common practice. Dat het Amerikaanse bedrijf Meta zelf studies gepubliceerd heeft waarin het duidelijk aantoont de macht te hebben om zijn gebruikers at will ongelukkiger te maken, daarover geen woord (bron?). Over de getuigenissen tenslotte van duizenden experts, ouders, leerkrachten en gebruikers die hun ervaring met de schadelijke impact van sociale media delen in talloze kwaliteitsvolle podcasts, documentaires en krantenartikels (!!), ook geen woord. Hier heeft hij een belangrijk punt! Podcasts, documentaires en kranten- en andere artikels zijn voor de 'gewone' mens, los van de wetenschap, een bron van informatie waarvan de waarde en de impact worden onderschat door beleidsmakers. Dergelijke bronnen kunnen evengoed tendentieus zijn, of politiek gekleurd, maar ze komen wel uit de bredere maatschappij, en niet enkel van de wetenschap. Objectiviteit, wat je kan zien als een belangrijk voordeel van de wetenschap, is meteen ook een belangrijk nadeel, want weinig fenomenen zijn wit/zwart. De wetenschap laat altijd ruimte voor onduidelijkheid, en die kan vervolgens door de stemmingmakers gebruikt worden in het eigen voordeel; kijk naar Duyck.
Het eigen perspectief omschrijven als wetenschappelijk en dat van andersdenkenden als onwetenschappelijk, is een oud trucje. De discussie over de zin en onzin van een sociaal mediaverbod verdient, eerlijk gezegd, beter.
9 – Geen verbod tot 16 jaar voor sociale media in Vlaanderen
DataNews / Belga, 22-12-2025
Vlaanderen voert geen verbod in op sociale media voor jongeren tot 16 jaar. In het actieplan 'Veilig online' van minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) worden de gevaren van sociale media voor jongeren wel erkend, maar een totaalverbod tot 16 jaar komt er niet.
Van Achter wil socialemediabedrijven wel dwingen om jongeren beter te beschermen, onder meer door een echte leeftijdsverificatie tot 13 jaar. Techbedrijven die weigeren, riskeren offline gehaald te worden. Cieltje Van Achter tegen Big Tech? Ik heb mijn twijfels. Dit moet van Europa komen.
Net als op veel plekken in de wereld woedt er ook in Vlaanderen al langer een discussie over de risico's en gevaren van sociale media voor jongeren. Jongeren zien op sociale media onder meer schadelijke inhoud, onveilige interacties, verslavende algoritmes en desinformatie passeren. Ouderen trouwens ook, en niet altijd zonder schade, ondanks 'mediawijsheid'.
Op politiek vlak waren de meningen verdeeld. Vooruit en CD&V pleitten voor een minimumleeftijd van 15 of 16 jaar, zoals onlangs is ingevoerd in Australië. Maar regeringspartij N-VA kantte zich tegen zo'n totaalverbod. Die laatste partij voelde zich gesteund door een recent advies van de Hoge Gezondheidsraad dat wel aandrong op een betere bescherming van jongeren bij het gebruik van schermen en sociale media, maar niet op een totaalverbod.
Volgens minister Van Achter staat er in haar actieplan geen verbod tot 16 jaar "omdat we onze tieners net beter willen beschermen". Ik zie het verband niet. Een verbod lijkt mij een goede bescherming. "Een verbod zal het omgekeerde doen en zal sociale media niet doen verdwijnen, maar het onderwerp wel taboe maken. Sociale media zijn voor veel jongeren óók een bron van steun, expressie, informatie en gemeenschap", klinkt het. Zie ook sociale-mediaverbod, meer bepaald hier.
Om jongeren beter te beschermen legt het plan de verantwoordelijkheid in de eerste plaats bij de socialemediabedrijven zelf. Daarom eist Vlaanderen de effectieve handhaving van een aantal regels, zoals een echte leeftijdsverificatie tot 13 jaar, het stopzetten van de verslavende algoritmes die leiden tot oneindig scrollen en een verbod op gepersonaliseerde advertenties voor minderjarigen. Lappen de techbedrijven die regels aan hun laars, dan riskeren ze offline gehaald te worden. Echt waar? Da's nog straffer dan Australië.
10 – 'Willen we sociale media helemaal verbieden? Of alleen de huidige invulling door big tech?'
Elisa Hulstaert, Redacteur, Knack, 29-12-2025
Het voorbije jaar werden smartphones verbannen uit Vlaamse scholen, woedden er verhitte discussies over een socialemediaverbod voor jongeren onder de 16 jaar en legde de Europese Commissie het sociale netwerk X van Elon Musk een boete van 120 miljoen euro op. 'Socialemediagebruikers willen de controle terug', zegt professor digitale cultuur Mariek Vanden Abeele.
"Begrippen als brain rot, techlash en enshittification wijzen erop dat we als samenleving stilaan genoeg hebben van de manier waarop digitale media werken", zegt professor digitale cultuur Mariek Vanden Abeele, die aan de UGent mediapsychologische en -sociologische perspectieven combineert om de rol van digitalemediagebruik in het dagelijkse leven en de samenleving te begrijpen.
"We zien die signalen al langer, maar in 2025 heeft die kritische stem zich vertaald naar actie. Neem de Digital Services Act (die platforms verplicht gebruikers te beschermen tegen illegale content, desinformatie en misbruik, nvdr): die was al even in werking (weinig van gezien), maar pas het afgelopen jaar vloeide daar de eerste zware sanctie uit voort. Ook maatregelen zoals het smartphoneverbod in Vlaamse scholen en de socialemediaban voor jongeren onder de 16 in Australië tonen dat de brug naar beleid nu echt wordt gemaakt."
Zullen we in 2026 nog strenger worden voor digitale media?
Mariek Vanden Abeele – Zeker wat betreft het bannen en reguleren van sociale media hebben we het eindpunt nog niet bereikt. In de ogen van de big tech is Europa de boeman. Denk aan het inreisverbod dat de VS oud-Eurocommissaris Thierry Breton en vier andere Europeanen oplegden omdat zij Amerikaanse bedrijven zouden censureren. Dat zijn heel zichtbare gevolgen van een conflict dat zich op het wereldtoneel afspeelt. Dat getouwtrek zal zich in 2026 voortzetten. De vraag is wie als eerste zal zwichten.
Tegelijk wordt de effectiviteit van beleid in vraag gesteld. Zo wordt er met interesse gekeken naar de impact van het socialemediaverbod voor jongeren onder de 16 jaar in Australië. Werkt het echt, of trekken de jongeren gewoon naar andere platformen?
Het Europees Parlement wacht niet op de resultaten: het diende recent een voorstel in voor een minimumleeftijd van 16 jaar om toegang te krijgen tot sociale media, videoplatforms en AI-metgezellen.
Vanden Abeele – We moeten een onderscheid maken tussen sociale media als abstract concept en sociale media zoals ze vandaag door de big tech worden ingevuld. Die nuance gaat vaak verloren. Inderdaad! Interessante aspectscheiding. Platformen zoals Instagram en TikTok doen te weinig aan contentmoderatie, zijn gestoeld op winstlogica en gaan ver in het kapen van gebruikersaandacht. Maar een sociaal medium hoeft die kenmerken niet te hebben (!!). Het kan ook goed gemodereerd worden en mensen op een positieve manier met elkaar verbinden.
Daar wringt de schoen: willen we sociale media als concept verbieden, of hebben we een probleem met hoe een handvol bedrijven dat concept hebben vormgegeven? De met-of-zonder vraag.
Intussen wordt er gespeculeerd dat TikTok Shop – waar gebruikers items kunnen kopen die gebruikt worden door influencers – verder uitgerold zal worden. Zullen we in 2026 shoppen op sociale media?
Vanden Abeele – Dat zou me niet verbazen. Het past in een breder patroon van commercialisering. Je ziet die trend overal, maar op digitale media gebeurt het veel sneller en zichtbaarder.
Hoe zal TikTok Shop zich in Europa verhouden tot de Digital Services Act? Dat wordt interessant. Europa probeert alle socialemediagebruikers te beschermen, niet alleen jongeren. Terecht, want ook volwassenen komen in de problemen door sociale media. Fraude, romance scams, politieke beïnvloeding en complottheorieën spelen zich vooral af in de volwassen sfeer. Als ik daarover met mijn kinderen van 15 en 17 praat, reageren die vaak kritischer dan volwassenen. Soms zijn jongeren gewoon mediawijzer. En dan vindt N-VA dat mediawijsheid aan jongeren moet bijgebracht worden, door wie…?
Internationale én Vlaamse onderzoeken toonden aan dat het gebruik van sociale media stagneert of zelfs afneemt. Zal die evolutie zich voortzetten?
Vanden Abeele – Ik denk dat het gebruik zal blijven stagneren en misschien zelfs zal afnemen. Je merkt dat gebruikers de controle terug willen. Privacy speelt daarbij een grote rol, zeker nu duidelijk is dat socialemediadata gebruikt worden om AI te trainen.
Er is altijd een substitutie-effect, kijk maar naar de geschiedenis. Toen het internet opkwam, daalde het tv-gebruik. Smartphones verdrongen het laptopgebruik. AI kan opnieuw zo'n verschuiving veroorzaken. Vandaag wordt AI nog vooral instrumenteel gebruikt, terwijl sociale media gericht zijn op ontspanning en entertainment. Dat kan veranderen. Maar hoe precies, is nog koffiedik kijken.
Lees ook:
– Sociale media in verval: 'De techgiganten hebben in hun eigen voet geschoten' – Hebben we stilaan genoeg van sociale media? Internationale én Vlaamse onderzoeken laten zien dat het gebruik stagneert of zelfs afneemt. Wat is er aan de hand? "Deze koe is uitgemolken."
– EU-commissaris Thierry Breton over TikTok: 'De bescherming van onze kinderen staat op het spel' – De Europese Unie drijft de druk op TikTok en X op. Europees commissaris Thierry Breton, gepokt en gemazeld in de IT-wereld, is ferm: "We kunnen boetes opleggen, of platformen blokkeren als dat nodig blijkt".
– Duits hackerscollectief roept op om grote socialemediaplatformen de rug toe te keren – De Chaos Computer Club (CCC), een Duits hackerscollectief, heeft opgeroepen tot een maandelijkse digitale onafhankelijkheidsdag. De organisatie, die opkomt voor privacy en cyberveiligheid, wil mensen zo aansporen om hun afhankelijkheid van de grote socialemediaplatformen te heroverwegen.
– Europese Commissie hekelt 'gekke uitspraken' van Musk – De Europese Commissie heeft maandag "de gekke uitspraken" van Elon Musk gehekeld. De eigenaar van X haalde het voorbije weekend opnieuw bijzonder hard uit naar de Europese Unie, die volgens hem afgeschaft moet worden.
11 – Wel of geen smartphone? Een goede opvoeding hoeft niet gebaseerd te zijn op 'hard' wetenschappelijk bewijs
Wie het verband tussen sociale media en jongerenwelzijn wil onderzoeken, kan niet om de leefwereld van de opvoeders heen, schrijft Philippe Noens. Ook al zijn hun bezorgdheden niet altijd in cijfers te vatten (!!).
Philippe Noens, Docent Gezinswetenschappen aan Hogeschool Odisee, 4 januari 2026
Misschien herkent u dit: tieners die zich tijdens het kerst- of oudejaarsdiner 'gezellig' in de zetel nestelen met hun smartphone en naast elkaar de tijd wegscrollen. Misschien hebt u zich als familielid ook geërgerd aan al die schermpjes, van jong en oud, die te pas en te onpas boven het tafelblad verschijnen (ge moogt gerust zijn). Misschien is uit die ergernis zelfs een geamuseerd familiedebat ontstaan. Want het is niet omdat een algemeen socialemediaverbod er niet lijkt door te komen, dat daarmee ook de digitale zorgen verdwijnen. Die zorgen zijn reëel: in recente ondervragingen (zie de Gezinsenquête en de Gezinsbarometer) plaatsen ouders met opgroeiende jongeren steevast schermgebruik en sociale media in hun top drie van ouderlijke bezorgdheden. Wat meteen aantoont dat ouders dit over het algemeen niet in de hand hebben. Tot zover mediawijsheid.
Tegelijk mogen we ons niet verliezen in schermpaniek. De hersenen van onze kinderen rotten niet in sneltempo weg, hun concentratieboog is geen platgeduwde accordeon, en hun welzijn zit niet in een glijbaan naar beneden sinds de uitvinding van de like-knop. Hier ben ik het niet mee eens; de uitvinding van de like-knop is nu net wel één van die elementen van een neerwaartse trend. Psycholoog Wouter Duyck (DS 19 december 2025) hamert op de juiste nagel: er zijn wel degelijk risico's verbonden aan sociale media, maar de uitkomst van behoorlijk wat empirisch onderzoek naar het verband tussen sociale media en welzijn is niet eenduidig. Doordat wetenschap weinig vermag tegen de grilligheid van de menselijke aard, maar dat lijkt Duyck nog niet te begrijpen. De vaststelling dat 'hard' wetenschappelijk bewijs ontbreekt, volstaat alleen (echter) niet om te oordelen dat een socialemediaverbod een "vreselijk idee" is. Klopt. Zie ook sectie 6, waar Duyck wetenschappelijk onderzoek schaamteloos misbruikt, en sectie 8, die dat misbruik hekelt.
Duyck, die zich graag als zuivere empirist positioneert (iemand die zijn standpunten enkel op empirisch bewijs baseert; een beetje te gemakkelijk in feite), gaat veelal te rade bij wat vandaag geldt als de gouden standaard van onderzoek: grootschalige, overkoepelende empirisch-analytische studies die effecten meten, verbanden kwantificeren en statistische zekerheid nastreven. Dat onderzoek is waardevol en noodzakelijk, want een wetenschapper die zich in zijn oordeel niet beroept op feiten, verkondigt louter een mening. Maar toch. Wie het onderzoeksterrein van opvoeding het liefst met een empirisch-analytische zaklamp beschijnt, laat ook veel onbelicht. Omdat wetenschap daar (nog?) geen greep op heeft.
Zo verdwijnen ervaringen uit beeld die zich maar moeilijk laten vangen in empirische parameters. Denk aan de niet aflatende strijd van ouders en kinderen rond het smartphonegebruik, het niet goed weten of niet goed begrijpen waarmee zoon- of dochterlief zich online bezighoudt, het sluimerende gevoel dat algoritmes steeds sterker worden en je er als opvoeder machteloos tegenover staat. Het punt is niet dat die negatieve ervaringen voor alle gezinnen zouden gelden (opgelet: dit is niet zwart-wit; elk gezin ervaart dit, in zekere mate), of dat ze breed gedeeld moeten zijn om wetenschappelijk relevant te zijn. Het punt is dat het precies die moeilijk meetbare, maar diep doorleefde, floue ervaringen zijn waarin zich de vraag naar wat we pedagogisch kunnen en mogen het duidelijkst stelt. Interessante stelling. Ook in Sociale-mediaverbod kwam Noens' standpunt al aan bod, meer bepaald hier.
Ervaringen als kennisbron
Zowel de opinie van Patrik Vankrunkelsven (DS 8 december 2025), die ervoor pleit de ervaringen van ouders en leraren serieus te nemen, als die van Jeff Spiessens (DS 22 december 2025)(zie sectie 8), die verwijst naar getuigenissen van opvoeders in podcasts en blogs over de schadelijke effecten van sociale media (en een terechte vergelijking maakt met drugs), slaat een brug: dat het debat over schermpjes en sociale media blijft terugkeren én dat zo veel opvoeders er een ambigue relatie mee hebben, is geen ruis naast de wetenschap, maar een fenomeen dat om begrip vraagt. Ge hebt gelijk, man! De ervaringen van eerstelijnsopvoeders zijn geen vrijblijvende anekdotiek, maar verwijzen naar wat de (vergeten) fenomenologische onderzoekstraditie centraal stelde: de leefwereld van het kind en van de volwassenen die die wereld mee vormgeven. En die zit vol elementen die empirisch niet aantoonbaar zijn (net zoals het fenomeen burn-out). Wie die leefwereld negeert omdat ze moeilijk meetbaar is, herleidt onderzoek tot wat telbaar is en miskent precies het open, weerbarstige karakter van opvoeding. Een vorm van metingenfixatie, altijd een bron van ellende.
Daarmee raken we aan een hardnekkig probleem dat in het debat over sociale media steeds opnieuw opduikt: het verschil tussen wat we wetenschappelijk weten en wat we maatschappelijk moeten doen. Dit gaat in de richting van kritiek op het HGR-rapport. Dat we, op basis van empirisch onderzoek, overdreven causale claims over hersenschade en mentale dips kunnen corrigeren is fantastisch nieuws. Als het klopt… Voor wie kennis neemt van onderzoeksinzichten houdt paniekpolitiek inderdaad geen steek. We weten dus vooral wat we niet moeten doen (wat bedoelt hij hier?). Maar daaruit volgt niet automatisch wat dan wel wenselijk is. De Nederlandse pedagoog Bas Levering formuleerde dat ooit scherp als "het eeuwige feit-norm probleem": uit feiten alleen kan je nog geen heldere normatieve richtlijnen afleiden, want feiten reduceren nu eenmaal de morsige werkelijkheid, maar zonder feiten kan jouw normatief oordeel over hoe best te handelen ook niet overtuigen. Inderdaad vervelend. Feiten zeggen niet alles, en suggereren zelfs niet altijd een waarheid, maar tegelijk krijg je zonder feiten haast niemand overtuigd. Maar is hij net dát nu niet aan het tegenspreken?
Precies in de verwarring tussen feiten en normen gaat het vaak mis. Als wordt gesteld dat een verbod op sociale media een slecht idee is (Duyck) omdat veel onderzoek geen ernstige schade heeft aangetoond (het ging wel om aantoonbare hersenschade), wordt een normatieve keuze om de dingen blauwblauw te laten voorgesteld als zuiver wetenschappelijke logica. Voila. Net als Spiessens zegt Noens in feite dat Duyck ongelijk heeft. Maar zo zuiver is het allemaal niet, al was het maar omdat achter die logica ook een specifieke opvoedingsvisie schuilgaat. Die visie verbergt Duyck overigens niet: volgens hem zitten ouders te kort op hun kinderen en moeten ze stoppen hen "als frêle sneeuwvlokjes onder een glazen stolp" op te voeden, omdat we in deze tijden net weerbare burgers nodig hebben (DS 29 maart 2025). Dus laat ze de bagger maar ondergaan? Nu mogen wetenschappers natuurlijk een eigen visie op opvoeding hebben, maar het wordt problematisch wanneer die visie, al dan niet impliciet, het oordeel mee stuurt terwijl het lijkt alsof dat oordeel louter op feiten is gebaseerd. Toch wat té omfloerst, vind ik. Het komt hierop neer: als het over menselijk gedrag gaat schiet de wetenschap tekort.
LEES OOK: Laat kinderen worstelen met kleine problemen, niet met de apocalyps – De Europese Commissie vraagt om een 'lessenpakket oorlog' voor te bereiden in dezelfde scholen waar we klasgemiddelden bannen omdat ze kinderen stress bezorgen. Een vreemde spreidstand die het mentale welzijn van kinderen bedreigt, schrijft Wouter Duyck. Zijn stijl is nogal grof, maar af en toe heeft hij wel een punt. Hier over de nadelen van pamperen op school. Jammer dat hij in alle talen zwijgt over sociale media.
Bovendien maken we dan een normatieve sprong: in hoeverre is er bewijs dat ouders daadwerkelijk die frêle sneeuwvlokjes creëren? Zoiets vraagt evengoed grootschalig en langdurig vergelijkend onderzoek, over verschillende generaties heen. En zo bijt de empirische slang dus in zijn eigen staart.
Wie telt mee, en waarom
Die sprong wordt nog duidelijker wanneer we kijken naar wie in dit betoog tegen een verbod meespeelt en wie niet. Gaan we nu weten of Noens voor of tegen is? Of iets tussenin… De aandacht gaat vooral uit naar inzichten van onderzoekers (wetenschap) en naar de verantwoordelijkheid van ouders om hun kinderen gematigd met sociale media te laten omgaan (mediawijsheid). Dat zijn stuk voor stuk relevante actoren, maar het zijn niet de enige actoren. Opvallend afwezig blijven de commerciële platforms die hun winstmodel op sociale media enten, evenals de (inter)nationale overheden die de commerciële exploitatie kunnen reguleren. Mooi voorbeeld van holistische visie. Wie wel of niet aan bod komt in een argumentatie is dus nooit louter een empirisch aangestuurde, maar ook altijd een normatieve keuze.
Maar er is meer. In het betoog tegen een verbod krijgen vooral de individuele vrijheid van de gebruiker en een gezond wantrouwen tegenover overheidssturing (?) voorrang. Andere waarden blijven dan weer onderbelicht: het idee dat opvoeding een gedeelde verantwoordelijkheid is van ouders én samenleving, bijvoorbeeld, of dat kinderen geen minivolwassenen zijn maar juist extra bescherming kunnen gebruiken (!). Opnieuw: uiteraard hoeft niet iedere wetenschapper zijn waardehiërarchie (dat hij niet kan uitsluiten) bij ieder betoog expliciet te maken, maar problematisch wordt het wanneer de indruk ontstaat dat het uiteindelijke oordeel van de wetenschapper 'objectief', dus waardenvrij, is. Weer een vinger naar Duyck.
De vraag is dus (?) niet of socialemediagebruik kinderen aantoonbaar kapotmaakt (die woordkeuze komt ook van Duyck). Dat is hoogstens een interessant (nou…) vertrekpunt. De kernvraag is wat we wenselijk achten in de opvoeding van kinderen en jongeren (de pedagogische visie) en of een verbod op sociale media daarin een plaats heeft. Dat is geen vraag die door statistisch cijfermateriaal alleen kan worden beslecht (!!!), maar evenmin een kwestie die we aan de ervaring van ouders mogen overlaten. OK! Het gaat bij uitstek om een politiek-pedagogisch debat, waarin expliciet moet worden nagedacht over welke waarden voor ons doorwegen en voor welke samenleving we willen gaan. Hij heeft nog altijd gelijk, maar ik vraag me wel af of de huidige politici nog mee zijn hier? De neoliberale strekking alvast niet, me dunkt.
Zo'n debat zou dan ook niet mogen blijven steken in schijnbaar eenvoudige oplossingen zoals een verbod (met een simpele ja/nee discussie), want simpele oplossingen bestaan niet, maar zich moeten richten op hoe we onze kinderen willen grootbrengen in digitale tijden. Alvast één lijntje. De voorbije jaren hadden we de mond vol van de village-gedachte: opvoeden is geen louter privéproject, een dragend netwerk maakt ouders sterker en kinderen veerkrachtiger. Ook dat is een empirisch feit. Ach zo? De relevante vraag is dan ook niet of we er goed aan doen kinderen en jongeren digitaal af te schermen, maar hoe we een sterk digitaal 'dorp' rondom hen vormgeven waar zulke verboden niet eens nodig zijn. Zwak slot, beetje jammer. Of toch niet?
Wat heeft hij nu in feite gezegd? Hij spreekt zich niet uit over een verbod, maar promoot wel een veilige digitale omgeving, waarin verboden niet nodig zijn, wat lijkt op de mediawijsheid-stroming. Als de man eens ooit een boek schrijft … (heeft hij trouwens gedaan: Mogen we nog wel straffen?). Wat ik vooral overhoudt uit zijn betoog is de holistische visie. Je krijgt een probleem niet goed opgelost als je niet alle invloeden in rekening brengt. Partiële oplossingen maken de wereld niet beter.
LEES OOK: Meta toont duizenden advertenties voor illegaal gokken aan Belgische jongeren – Het bedrijf achter Facebook verdient elk jaar 7 miljard dollar met malafide of frauduleuze reclame en bestrijdt die daarom slechts halfslachtig. "Reclame op Facebook heeft bij te veel mensen nog te veel legitimiteit." Mogelijk te veralgemenen tot "reclame heeft te veel legitimiteit".
12 – Na Frankrijk en Spanje: kiest ook Europa voor leeftijdsgrenzen op sociale media?
Spanje is na Frankrijk en het VK de volgende in een rij landen die werken aan een totaalverbod op sociale media voor jongeren. De Europese Unie lijkt af te stevenen op een minder streng voorstel.
Dominique Deckmyn, 4 februari 2026 om 19:00
De Spaanse premier Pedro Sánchez beloofde dinsdag dat hij kinderen zou beschermen voor "het digitale Wilde Westen", onder meer met een wetsvoorstel dat de toegang tot sociale media verbiedt onder de 16 jaar. In Frankrijk heeft het parlement vorige week een soortgelijk voorstel goedgekeurd (met 15 jaar als minimumleeftijd), enkele dagen na het House of Lords in het Verenigd Koninkrijk.
Het momentum voor een verbod op sociale media (in een of andere vorm) groeit duidelijk, zeker in Europa. Het voorbeeld van Australië, dat zo'n verbod in december als eerste ter wereld invoerde, vinden heel wat politici aantrekkelijk. "Allemaal willen ze laten zien dat ze kinderen beschermen (en impliciet 'kinderen beschermen', toch?), ze kijken niet naar de impact op de lange termijn, naar de gevolgen voor het internet", zegt Simeon de Brouwer, policy advisor bij de organisatie European Digital Rights (EDRI). Die lijkt te bedoelen dat het internet wordt benadeeld door sociale-mediaverbod?? EDRi is "an association of civil and human rights organisations from across Europe. We defend your rights and freedoms in the digital environment".
Om wat voor gevolgen gaat het dan? "In de praktijk betekent het dat iedereen zich, overal op het internet, moet identificeren", zegt cryptoloog en professor Bart Preneel. Daar bestaat volgens hem geen efficiënte en privacy-vriendelijke oplossing voor. Ah, nu gaan we het weten.
Een leeftijdsgrens is een "gemakkelijkheidsoplossing", vindt Andy Demeulenaere (weer iemand anders…), algemeen coördinator Mediawijs bij Imec (ook al techvriendelijk). Het is eenvoudiger dan de reële problemen op sociale media en andere onlineplatforms aanpakken, zoals de verslavende algoritmes, zegt hij. Een eenvoudige oplossing een gemakkelijkheidsoplossing noemen betekent dat je het liever complex houdt. Mediawijs pleit al jaren voor open gesprekken tussen ouders en hun kinderen over sociale media, en dat blijft volgens hem de meest aangewezen manier om de onlinegevaren te bezweren.
Afgezwakt voorstel
Demeulenaere gelooft wel dat we op een Europees verbod afstevenen. Al lijkt het te gaan om een afgezwakt voorstel: verbod op sociale media onder de 13 jaar, alleen toegang met ouderlijke toestemming onder de 15 of 16 jaar. Dat is wel heel wat strenger dan de huidige situatie: de GDPR-privacywetgeving vereist ouderlijke toestemming onder een bepaalde leeftijd (lidstaten konden die leeftijd zelf bepalen tussen 13 en 16, België koos voor 13 jaar) maar voorziet geen absoluut verbod.
Het Europees Parlement en de Raad van Ministers zijn al voor dit idee te vinden, de bal ligt nu in het kamp van de Europese Commissie. Die heeft een "expertpanel" samengesteld om de kwestie te bestuderen. Europa lijkt van plan om zo'n minimumleeftijd – als die er inderdaad komt – digitaal te verifiëren met een app op ieders smartphone. Zo'n app wordt sinds enkele maanden getest. De bedoeling is dat je kunt aantonen ouder dan een bepaalde leeftijd te zijn, zonder andere identiteitsgegevens te delen. In België zou de app Itsme die rol kunnen vervullen, of Mygov van de federale overheid.
Die leeftijdsapp moet op termijn deel worden van de Europese digitale portefeuille, die elke Europese lidstaat in principe tegen november klaar moet hebben. Ik ben benieuwd. Dat wordt een app waarin je zowel identiteitsbewijzen als bijvoorbeeld diploma's en andere getuigschriften bewaart. Goed beveiligd, allicht…?
In België pleitte de Hoge Gezondheidsraad in december, na een lange studie (maar dat is geen criterium), niet voor een verbod op sociale media. De Raad concludeerde dat jongeren tussen de 13 en de 16 jaar best "geleidelijk" en in overleg met hun ouders toegang krijgen tot digitale media. En wie gaat dát organiseren? Voor Vlaanderen leek daarmee de kous af: minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) publiceerde even later een actieplan "Veilig online" waarin ook geen sprake is van een totaalverbod.
Verbod in Australië
Maar in de Kamercommissie Justitie zijn intussen drie hoorzittingen gehouden waar een mogelijk verbod wel nog op tafel kwam. Daarbij is onduidelijk welke bevoegdheid de federale overheid op dat vlak heeft.
Ondertussen is nog niet duidelijk wat het Australische verbod oplevert. In tegenstelling tot Europa had Australië geen technisch sluitende oplossing, zegt Demeulenaere. De sociale media mogen zelf bepalen hoe ze de leeftijdsgrens controleren. Ze gebruiken allerlei algoritmes om in te schatten welke gebruikers mogelijk jonger dan 16 zijn. Die moeten dan hun leeftijd bewijzen, bijvoorbeeld door selfies op te sturen of, bij twijfel, identiteitsdocumenten te uploaden.
Dergelijke methodes zijn volgens specialisten weinig betrouwbaar en bovendien vrij makkelijk te omzeilen (in het VK gebruikten sommige jongeren beelden van een personage uit een game om door de leeftijdscontrole te geraken). Als je alles wat te omzeilen valt schrapt, blijft er niks meer over. Dat is dus geen reden om iets niet in te voeren.
In Australië zijn best veel accounts geschrapt, zegt Demeulenaere, maar lang niet allemaal. "Sommige jongeren leggen zich bij het verbod neer, anderen omzeilen het." Volgens De Brouwer is intussen aangetoond dat technische maatregelen altijd omzeild kunnen worden. Aha! "In Australië trekken jongeren naar alternatieve sociale media die niet onder de ban vallen", zegt hij. Uit onderzoek blijkt dat ouders vaak zelf hun kinderen helpen om leeftijdscontroles te omzeilen, zegt de Brouwer nog. De strijd het openbaar belang en de individuele vrijheid (ook al is dat de vrijheid om domme dingen te doen).
Bart Preneel vindt dat de aandacht dringend verlegd moet worden. "Wat die sociale media zo toxisch maakt, is hun zakenmodel dat erop gericht is onze aandacht vast te houden. Dat moeten we aanpakken, en voor iedereen." OK. Begin er maar aan.
13 – Hou kinderen toch weg van schermen
Dat komt ervan als schermen de plaats innemen van menselijk contact, schrijft Mia Doornaert: het besef verdwijnt bij kinderen dat ze andere mensen pijn doen.
Mia Doornaert, De Standaard, 4 februari 2026
Dit artikel, van een dame met veel levenservaring, die het ook nog kan uitleggen, toont een bepaalde manier van kijken naar het probleem van overmatig schermgebruik, nl. vanuit waarnemingen en andere opinies, in plaats van louter vanuit wetenschap. Het zijn deze persoonlijke opinies die m.i. te weinig aan bod komen in openbare discussies, en zeker bij politieke beslissingen waar ook nog eens partijpolitiek meespeelt. De basis van het artikel is misschien wel een wereld die niet meer bestaat, maar dat intermenselijke contacten onder technologische invloeden oppervlakkiger en problematischer worden wil nog niet zeggen dat we dat zomaar moeten aanvaarden.
"Dag mevrouw, woont er soms een jongen bij u die graag met ons wil voetballen?" Dat hoorde ik in september 1995 als correspondent in Parijs in de parlofoon van mijn woning, die vlak bij een park lag. Ik zag buiten een paar schooljongens van tien-twaalf jaar staan. Ik vond het ontwapenend dat ze zo spontaan, en zo beleefd, en in heel mooi Frans, aanbelden om speelkameraadjes te zoeken.
Ik merkte snel waar de taalvaardigheid van Franse kinderen vandaan kwam. Franse moeders praten de hele tijd met hun kleintjes, vanaf het moment dat hun petit poussin of petit coeur in het kinderkoetsje ligt. Of liever, dat deden ze toch in die voorhistorische tijd toen er nauwelijks een scherm in zicht was.
Ik weet niet of je daar nu ook een gezin kunt zien ontbijten met de peuter die in een babystoeltje al op een scherm zit te swipen. Er komen allerlei kleurige beelden voorbij, het kind is stil, de ouders genieten rustig van hun ochtendkoffie. Maar juist in de periode tussen 0 en 2 jaar groeien de hersenen het snelst en vindt de essentiële bedrading ervan plaats. En juist dan krijgen 'schermkinderen' wel prikkels, maar niet de broodnodige interactie die de hersenfuncties activeert.
In Angelsaksische kranten, waaronder The New York Times en The Guardian, verschenen de jongste tijd alarmerende berichten uit het kleuteronderwijs. In de kleuterklassen valt op dat kinderen die veel tijd voor een scherm doorbrengen gemiddeld een beperktere woordenschat hebben dan leeftijdsgenootjes. Uit studies blijkt dat taalvaardigheid rond het vierde levensjaar een van de sterkste voorspellers is van latere school- en studieprestaties. Ook opvallend is hun probleem met simpele rekensommetjes, met verbanden leggen. Ze kunnen nauwelijks een potlood vasthouden, hebben moeite met voorwerpen, met puzzels leggen, met allerlei praktische spelletjes.
Nog alarmerender zijn de gedragsproblemen. 'Schermkinderen' kunnen niet met andere kinderen omgaan. Ze kunnen niet samen spelen, ze kunnen hun beurt niet afwachten, ze herkennen zelfs geen gelaatsuitdrukkingen, geen lichaamstaal, ze hebben geen empathie. "Als ze tikkertje spelen, dan slaan ze te hard of te zacht, want ze hadden nooit interactie met andere kinderen", aldus een door The New York Times geciteerde kleuterjuf.
Is het dan te verwonderen dat we jongeren krijgen die, zoals onlangs in Anderlecht, een jongen van vijftien met benzine overgieten en in brand steken en dan zeggen dat het niet zo bedoeld was? Dat cyberpesten een ware kwaal is geworden? Dat komt ervan als schermen de plaats innemen van menselijk contact. Het besef verdwijnt dat je andere mensen pijn doet.
Die afkeer van direct contact is voor mensen van mijn generatie onbegrijpelijk. Vroeger was het ongepast dat je bij iemand op bezoek ging zonder eerst telefonisch te informeren of er geen belet was. Voor jongeren is het nu even onbeschoft als je ze zomaar durft op te bellen. Een menselijke stem in hun oor is blijkbaar ondraaglijk. In lang vervlogen jaren gonsde het op schoolbussen van het gebabbel en gekwebbel van schooljongens en -meisjes. Nu zit ik op een Brusselse tram vol scholieren en is het doodstil. Ze zitten allemaal op hun telefoon te scrollen, ze praten niet eens met elkaar.
Met al dat swipen en scrollen hoeft het ook niet te verwonderen dat kinderen in de klas zo'n korte aandachtsboog hebben. En dan moet worden gezegd dat de kamergeleerden die sinds decennia in Vlaanderen het onderwijs aansturen, de zaak nog erger hebben gemaakt. Elementaire kennisoverdracht, die generaties lang haar waarde had bewezen, was ineens uit den boze. Het kind moest niet zozeer leren, het moest 'happy' zijn. Niet alleen elementaire zinsontleding ging voor de bijl. Ik viel werkelijk omver toen ik in deze krant de onzin las over de 'sokjes en wipjes' die moeten doorgaan voor lessen rekenen (DS 4 februari).
Wat bestaat, kan niet 'on-uitgevonden' worden. Maar een maatschappij heeft nog altijd de plicht om haar kinderen en jongeren te beschermen en ze behoorlijk onderwijs te geven. Dat vereist een drastische aanpak van schermtijd. Met name scholen moeten schermen bannen in de plaats van er prat op te gaan dat ieder kind er een heeft. Wat je met de hand opschrijft, onthoud je zoveel beter. Dat jonge schoolkinderen zelfs geen potlood kunnen vasthouden, dat met de hand schrijven een verdwijnende vaardigheid is, dat is echt wel een teken aan de wand.
14 – Europa stelt "verslavend" Tiktok ultimatum: ontwerp van app aanpassen of zware boete
Tiktok doet te weinig om de risico's aan te pakken die voortvloeien uit het verslavende ontwerp van de app, vindt de Europese Commissie. Als Tiktok dat basisontwerp niet aanpast, dreigt een zware boete.
Nico Tanghe, De Standaard, 6 februari 2026
Iedereen weet het, maar niemand kon er tot nu toe iets aan doen: het eindeloze scrollen op de socialmedia-app Tiktok. Dat wordt in de hand gewerkt door pushmeldingen, gepersonaliseerde aanbevelingen en video's die automatisch afspelen. Problematisch, concludeert nu ook de Europese Commissie. Tiktok heeft onvoldoende gekeken wat de invloed van zijn verslavende ontwerp is op de fysieke en mentale gezondheid van kwetsbare gebruikers, zoals minderjarigen. Of net heel goed gekeken?? Dat blijkt uit een onderzoek dat de Commissie liet uitvoeren naar mogelijke schendingen van de Digital Services Act (DSA).
Tiktok heeft 170 miljoen gebruikers in de Europese Unie. Het is volgens de Commissie met voorsprong het meestgebruikte platform na middernacht (huh?) door kinderen tussen 13 en 18 jaar oud. Zeven procent van de 12- tot 15-jarigen spendeert dagelijks tussen de vier en vijf uur op de app.
Dwangmatig gedrag
Volgens de Commissie wordt er onder meer te weinig gekeken naar indicatoren die op "dwangmatig gedrag" wijzen, zoals de tijd die minderjarigen 's nachts op de app doorbrengen of de frequentie waarmee de app wordt geopend. Het ontwerp van Tiktok maakt dat gebruikers willen blijven scrollen, bijvoorbeeld door ze te 'belonen' met nieuwe content. "Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat dit kan leiden tot dwangmatig gedrag en een verminderde zelfbeheersing van gebruikers", stelt de Commissie. Big Tech zal er geen probleem in zien.
Tiktok lijkt er ook niet in te slagen om "redelijke, evenredige en doeltreffende maatregelen" te nemen om de risico's te beperken. Tools die schermtijd moeten verminderen, leiden niet tot minder Tiktok-gebruik, omdat ze makkelijk te negeren zijn. Ook is het te ingewikkeld om als ouder toezicht te houden op wat je kind op de app uitspookt. Zeker 's nachts… "Geen smartphone mee naar boven" is anders simpel genoeg, maar in de beginjaren hadden ouders geen weet van een kwalijke invloed van sociale media op hun kinderen, omdat die er niet was. De miserie is maar geleidelijk ontstaan, en misschien is dat wel de meest verraderlijke factor geweest in de hele evolutie, omdat je door geleidelijke gewenning het gevaar niet tijdig ziet.
Volgens de Commissie – die het onderzoek naar Tiktok twee jaar geleden al opende en nu pas klaar is met de eerste fase (waarom moet dat zo lang duren?) – moet dat dringend veranderen. Om het verslavende aspect tegen te gaan, moet Tiktok het basisontwerp van de app aanpassen. Tiktok krijgt nu de kans om het onderzoek in te kijken en zich te verdedigen. De Commissie verkiest naar eigen zeggen een dialoog en aanpassingen aan het ontwerp. Maar als Tiktok de DSA blijft overtreden, dreigen boetes tot 6 procent van de wereldwijde jaaromzet van het bedrijf. En als TikTok die niet betaalt?
Vlaams minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) reageert opgetogen. "Europa legt de verantwoordelijkheid waar ze hoort: bij de techbedrijven die bewust prikkels inbouwen om onze schermtijd te maximaliseren. Wie in Europa zaken doet, volgt onze regels. Punt. TikTok moet zijn ontwerp aanpassen en snel." Volgens Tiktok zijn de bevindingen "volstrekt onjuist en een waardeloze voorstelling van ons platform", zo klonk het vrijdag in een eerste reactie. (belga, nta) Tuurlijk betaalt TikTok niet… Een verbod is zoveel simpeler.
LEES OOK: Frans parlement wil verbod op sociale media voor jongeren tot 15 jaar: "Frankrijk kan pionier zijn in Europa" – Het Franse parlement nam maandagnacht een wetsvoorstel aan over een socialemediaverbod voor kinderen tot 15 jaar. Maar het hangt van Europa af of Franse kinderen vanaf september ook effectief niet meer op Tiktok en Instagram zullen kunnen.
