De kost van een douchebeurt

Het is een wet van Meden en Perzen: als energieprijzen stijgen komen besparingen weer ter sprake. Nog zo’n wet is deze: enkel wat beweegt (zoals stijgende prijzen) trekt de aandacht, m.a.w. alles wat stabiel is went op de duur. En dat is jammer. Immers, we hebben het meer en meer over de eindigheid van aardse middelen zoals fossiele brandstoffen, dus besparingen zouden beter permanent in het spotlicht staan, en niet enkel als de energie nog maar eens duurder wordt. Maar soit; elke bespreking is interessant, denk ik. Zeker die van de kost van een douchebeurt, die op 15-03-2022 verscheen op Radio 2 (daar intussen verwijderd) en bij VRT NWS.

Een ander vast onderwerp, lijkt het wel, is de betrouwbaarheid van nieuwsberichten. Tijdens een oorlog krijg je propaganda, en bij propaganda krijg je nepnieuws. Maar ook buiten oorlogstijden is er een permanente onzekerheid omtrent de kwaliteit van wat je leest en hoort in diverse media. Klopt het wel allemaal? Of zitten er vlag- en ladingproblemen of gebrekkige aspectscheidingen in? En is het wel volledig? Werd gedacht aan effectiviteit? In diverse opzichten is de berichtgeving over de kost van een douchebeurt alvast voor verbetering vatbaar. Waar klopt het verhaal en waar niet, en waarom?

Vijf minuten onder een warme douche staan: hoeveel kost dat?

Omdat de energieprijzen op dit moment door het dak gaan, gaat Radio 2 samen met luisteraars en experten op zoek naar tips om het leven toch iets betaalbaarder te maken. Iets waar je handig op kan besparen is douchen. Joannes Laveyne, energie-expert aan de Universiteit van Gent, berekende hoeveel een douchebeurt van 5 minuten kost.

VRT NWS, dinsdag 15 maart 11:05

——–

Berekenen hoeveel een heerlijke douchebeurt kost is niet zo eenvoudig (klopt!). Joannes Laveyne houdt hierbij rekening met verschillende scenario’s, want niet elke douche is hetzelfde (alvast een nuttige poging tot scheiding van aspecten; een goed begin). Laveyne kijkt hier ook alleen naar de verwarmingskosten; de prijs van het water is dus nog niet inbegrepen. En de prijs van de douchegel (inclusief fles en afvalverwerking) allicht ook niet; we kijken dus alleen naar de energiekost. Naarmate je daar meer over nadenkt wordt de kwestie moeilijker, want de andere materiaalkosten zijn in feite eveneens afhankelijk van de energieprijs. Je wordt er zot van, tenzij je een specifiek deelprobleem afbakent, zoals hier: we bekijken alleen de kosten om het water te verwarmen.

En wat blijkt? De kostprijs varieert sterk afhankelijk van de manier waarop je verwarmt. Voor de tarieven van gas en elektriciteit baseert hij zich op de vergelijker van mijnenergie.be. Daarnaast is het type douchekop ook bepalend. Een gewone regendouchekop verbruikt gemiddeld 15 liter per minuut, bij een spaardouchekop is dat 5 liter per minuut. Hier zien we een vereenvoudiging van het probleem, allicht vanuit de bekommernis om een boodschap te brengen die voor zo veel mogelijk mensen bevattelijk is (terecht, zeker als dit op de radio komt). De opdeling in regen- en spaardouchekop is daarom OK, tenminste als we ons realiseren (1) dat er ook gewone douchekoppen zijn, (2) dat de druk van het leidingwater ook een invloed heeft, en (3) belangrijker nog, dat de mens onder de douche zelf het waterdebiet kan regelen door de kraan minder of meer open te draaien. Als na het douchen je badkamer gevuld is met een dichte mist, heb je waarschijnlijk overdreven, met het debiet of de duur of de temperatuur. En als je een douchecabine hebt die de waterdamp vanzelf naar buiten afzuigt zal de stijgende energieprijs je waarschijnlijk worst wezen. Anderzijds is het bijzonder jammer dat het probleem wordt beperkt tot de kost van het verbruikte water; zie verder.

Gasketel

De meerderheid van de Vlamingen verwarmt water met een gasketel. Consumenten die hun water verwarmen via een gasboiler en gebruikmaken van een spaardouchekop, betalen zo’n 14,3 eurocent voor een douchebeurt van 5 minuten.

Wie elke dag doucht, betaalt dus gemiddeld 1.01 euro per week, voor het gas. Voor consumenten met een regendouchekop komt het neer op 43 cent voor een douchebeurt van 5 minuten. Doe je dit elke dag, dan betaal je gemiddeld 3,01 euro per week.

Ketels en boilers

Opletten hier. Wat is een gasketel, en wat is een gasboiler, of is dat hetzelfde (wat hier gesuggereerd wordt)? Een ketel is een toestel waarin iets gestookt wordt. In een gasketel wordt gas verbrand, en de verbrandingswarmte wordt gebruikt om water op te warmen, dat verder wordt gebruikt om het huis te verwarmen (via radiatoren e.d.) en/of sanitair water te verwarmen (via een boiler). In een stookolieketel wordt stookolie gestookt i.p.v. gas, maar de rest is hetzelfde. Een boiler is een toestel waarin water wordt opgewarmd. Je hebt direct gestookte en indirect gestookte boilers. Een direct gestookte boiler is een toestel waarin een gasbrander en een boiler gecombineerd zijn (dit kan niet met stookolie, omdat een stookoliebrander daarvoor te groot is). Het gas wordt in de boiler verbrand, en de vrijgekomen warmte wordt volledig gebruikt om water op te warmen; dat is de “gasboiler” waarvan hier sprake is. Bij een indirect gestookte boiler gebeurt de verbranding in een aparte ketel (met gas of stookolie), en wordt heet ketelwater door de warmtewisselaar van de boiler gepompt, zodat het water in de boiler de warmte opneemt. Als de woning wordt verwarmd met een gas- of stookolieketel, heb je doorgaans een indirect gestookte boiler.

Waar is de logica?

Een gasketel is dus niet hetzelfde als een gasboiler. Staat er dan iets fout? Nee, niet echt. “De meerderheid van de Vlamingen verwarmen water met een gasketel” kan kloppen; ik heb niet de ambitie om de expertise van mr. Laveyne in twijfel te trekken. Idem met “Consumenten die hun water verwarmen met een gasboiler … enz.”, maar het verband tussen beide ontbreekt, dus wat er staat heeft niet veel zin. Het lijkt alsof de schrijver de klepel niet precies wist hangen. Als lezer voel je dat er iets niet klopt, maar je weet niet wat (tenzij je gek genoeg bent om dat expliciet te gaan analyseren). Jammer genoeg zorgt dat er meteen voor dat je de greep met de tekst moet lossen, en dan ook de rest minder goed dreigt te vatten. Veel teksten vertonen dit euvel overigens: als logica ontbreekt divergeert de aandacht. Het mag dan efficiënter lijken om korter te schrijven (of minder na te denken), de effectiviteit lijdt eronder. Als die eerste zin was weggelaten was dat probleem er niet geweest. En dan was ook duidelijker geweest dat de berekening alleen slaat op een direct gestookte gasboiler en niet op een indirect gestookte boiler (met meer energieverliezen). En trouwens ook niet op een doorstroomboiler (met gas of elektriciteit), waarbij er veel minder energieverliezen zijn, maar de temperatuurregeling moeilijker is.

En waar ligt de grens?

Zoals gezegd, als je een probleem bespreekt moet je het meestal afbakenen, om niet in drijfzand terecht te komen. Op het slagveld tussen theorie en praktijk is al veel energie verloren gegaan… Bij de meeste analysen moet je een keuze maken tussen volledigheid en bruikbaarheid, maar ook rekening houden met die uitspraak van Einstein (1950): maak alles zo simpel mogelijk, maar niet nog simpeler. In dit geval: we moeten rekening houden met de thermodynamica.

Thermodynamica

We bekijken hier de gewone boilers, niet de doorstroomboilers. In een boiler wordt een hoeveelheid water opgewarmd.
– Enkele decennia geleden was 150 liter min of meer standaard voor een gezin, nu zijn er veel variaties; groter is comfortabeler en duurder, en opwarmen duurt langer.

– Je wil een aangename watertemperatuur uit de kraan of douchekop, niet te koud, maar zeker ook niet te warm. Vanaf 42 °C kunnen na een tijdje brandworden ontstaan, bij 70°C heb je die onmiddellijk. De temperatuur aan de douchekop wordt door menging met koud water ingesteld met een thermostatische of manuele kraan, standaard op 38°C, maar 40°C kan ook eens deugd doen…
Nu zijn er twee thermodynamische effecten die een rol spelen in het comfort.
– Als je 25 l warm water aftapt (aan de bovenkant van de boiler), komt er 25 l koud water bij (aan de onderkant), dat zich geleidelijk mengt. Dus tijdens het douchen wordt het boilerwater een beetje kouder. Hoe groter de boilerinhoud, hoe kleiner dat effect.
– Omdat isolatie nooit 100% effectief is, verliest een boiler voortdurend warmte. De inhoud speelt geen grote rol; voor warmteverliezen is het de oppervlakte die telt. De temperatuur heeft wel een grote invloed: hoe hoger de watertemperatuur in het vat, hoe hoger de verliezen.

Warmtepomp

Een warmtepomp is een duurzaam alternatief voor een gasketel en werkt op elektriciteit. De energetische efficiëntie ligt bij een warmtepomp hoger dan bij een gasketel.

Een warmtepomp kan je zien als een toestel dat warmte (dus energie) uit de omgeving trekt m.b.v. een elektrische koelvloeistofpomp en een warmtewisselaar, en dus zelf een bepaalde hoeveelheid elektriciteit verbruikt. Het is een soort omgekeerde frigo; een frigo haalt warmte uit de frigokast en geeft die af aan de omgeving (doorgaans de keuken), terwijl de warmtepomp warmte uit de omgeving haalt en die binnen in huis afgeeft, direct aan lucht of via water. Typisch krijg je zowat drie keer zoveel energie uit de warmtepomp als je erin stopt.

Je zou dus denken dat dit ook een goedkoper alternatief is. “Dat valt best tegen en dat heeft er alles mee te maken dat de elektriciteit op dit moment drie keer zo duur is als aardgas”, zegt Joannes Laveyne. Prijzen van gas en elektriciteit kan je vergelijken op basis van de inhoud aan energie, die wordt uitgedrukt in Joule. Omrekening: 1 kWh = 3600 kJ.

Daardoor betaal je voor een douchebeurt van 5 minuten onder een spaardouchekop 13,3 eurocent. Op een week komt dat neer op 93,1 eurocent. Wie doucht met een regendouchekop, betaalt 40 cent voor een douche van 5 minuten. Doe je dat dagelijks, dan kost je dat gemiddeld 2,8 euro per week. Dit is vergelijkbaar met de gasboiler. Elektriciteit is dan wel drie keer zo duur, maar de warmtepomp werkt ook zowat drie keer efficiënter.

Einstein

Een adder onder het g(r)as… Een warmtepomp heeft een beperkt vermogen, vergeleken met gas of directe elektriciteit. Dat betekent dat een warmtepompboiler het water minder snel opwarmt, wat een effect heeft op het comfort (afhankelijk van je gebruikspatroon). Misschien heb je een grotere boiler nodig om dat te compenseren, en die is duurder in aankoop (nog los van de hogere prijs van een warmtepompboiler t.o.v. een gasboiler). Als je het te simpel maakt klopt het niet meer.

Elektrische boiler

Vandaag worden consumenten die verwarmen met een elektrische boiler (water in een vat wordt direct opgewarmd met een elektrische weerstand) het hardst getroffen. Een douchebeurt van 5 minuten voor consumenten met een spaardouchekop komt neer op 40 cent. Wie dagelijks zo’n douche neemt, betaalt gemiddeld 2,8 euro per week. In het geval van een gewone regendouche loopt het bedrag op tot 1,2 euro voor een douche van 5 minuten. Omgerekend is dat 8,4 euro per week.

Een elektrische boiler heb je voor zowat €250. Een goedkope warmtepompboiler kost eerder €1500. Met een verschil van €8.40-€2.80=€5.60 per week is een elektrische boiler pas duurder na (1500-250)/5.6=223 weken of ruim 4 jaar… Denk je? Ook dit is weer een voorbeeld van het gevaar van vereenvoudiging. In de reportage wordt enkel de energiekost van het verbruikte water geteld, maar in de realiteit heb je om warm te kunnen douchen een installatie nodig, met een boiler en eventueel een ketel. Die installatie heeft een aankoopkost (materiaal en montage) en een gebruikskost (energieverliezen), zelfs als je geen warm water verbruikt. Het verhaal wordt ineens een stuk complexer.

Tips om te besparen

Hoewel alle beetjes helpen, zal twee minuten minder onder de douche staan niet hét grote verschil maken (omdat de berekende kost klein is, door het negeren van de aankoop- en gebruikskost). Toch heeft energie-expert Joannes Laveyne nog enkele tips om te helpen besparen op je douchebeurt: 

Wie verwarmt met een gasketel, kan de zogenoemde aanvoertemperatuur van zijn cv-ketel verlagen. Om comfortproblemen te vermijden, stellen installateurs die vaak veel te hoog in (op 75° of zelfs hoger). Verlaag die eens tot 60°.

Installatietechniek

… en een vlag- en ladingprobleem. Want wat is de aanvoertemperatuur? Als in de installatietechniek sprake is van de aanvoertemperatuur en de retourtemperatuur, wordt bedoeld de temperatuur van het water dat van de ketel naar de radiatoren (of vloerverwarming) loopt, en de temperatuur van het min of meer afgekoelde water dat weer naar de ketel stroomt. Maar de meeste luisteraars van Radio 2 en lezers van VRT NWS zijn geen installatietechniekers. Voor hen is een aanvoertemperatuur de temperatuur van water dat ergens wordt aangevoerd. Nu wordt water aangevoerd vanuit het leidingnet naar de ketel, vanuit de ketel naar de boiler, en vanuit de boiler naar de kraan, dus wat in deze context wordt bedoeld met aanvoertemperatuur is onvoldoende verklaard.

Bij een indirect gestookte boiler stroomt water van de ketel naar de boiler, en loopt het opgewarmde boilerwater naar de kraan als je die open draait. Een installatie heeft een thermostaat op de ketel, en een aparte thermostaat voor de boiler, die altijd iets lager is ingesteld. Om het boilerwater te verwarmen heb je immers water nodig dat nog warmer is, en hoe groter het verschil, hoe sneller de opwarming. Tussen de ketel en de boiler staat een pomp die wordt gestuurd door de boilerthermostaat. Bij een direct gestookte boiler is er geen aanvoer vanuit een ketel, en is alleen de boilerthermostaat van belang.

Met “aanvoertemperatuur” wordt hier blijkbaar de temperatuur bedoeld van het water dat de ketel verlaat. Dat is alleen relevant voor indirect gestookte boilers, terwijl de berekening hierboven enkel gebeurde voor een direct gestookte boiler. Weer een bron van verwarring. De expert raadt aan om de “aanvoertemperatuur” (of keteltemperatuur) niet hoger in te stellen dan nodig is, en hij heeft overschot van gelijk. Onthoud: hoe hoger de temperatuur, hoe groter het energieverlies. Nog belangrijker in onze context is echter de boilertemperatuur, m.a.w. de temperatuur van het boilerwater. Die moet volstaan voor de combinatie van verbruikspatroon en gewenst comfort, maar meer niet. De eventuele keteltemperatuur moet dan weer iets hoger zijn, om de warmte te kunnen overbrengen naar het boilerwater. De juiste benadering is bijgevolg: zet de boilertemperatuur zo laag mogelijk, en pas de keteltemperatuur daarop aan.

Installateurs hebben inderdaad de neiging of zelfs gewoonte om de ketel- en boilertemperatuur (te) hoog in te stellen. Hoe hoger de temperatuur, hoe sneller je kan verwarmen, hetzij de woning, hetzij het boilerwater; dat is inderdaad een vorm van comfort. De installateur wil vooral klachten over comfort vermijden; het energieverlies is jouw kost, niet de zijne.

Het energieverlies in de boiler kan het gemakkelijkst beperkt worden door de temperatuur zo laag mogelijk in te stellen, in functie van het comfort dat je nodig hebt. Voor één of twee individuele douches is 40°C eigenlijk voldoende. Voorzie je meerdere of hetere douches na elkaar, dan moet je misschien naar 45°C gaan.

Bovendien is het niet nodig om het water constant op temperatuur te houden, maar volstaat het om er met een schakelklok voor te zorgen dat het water enkel indien nodig op temperatuur is, bv. ’s morgens en ’s avonds. En in de zomer, als de ketel maar één of twee keer per dag moet draaien voor het sanitair water, kan je heel wat winnen door na de stookcyclus de restwarmte van de ketel nog af te voeren naar de boiler door de boilerpomp na te laten draaien.

Kamerbreed comfort

Indien je gasketel (of stookolieketel) er nog steeds in slaagt om je huis te verwarmen (met een verlaagde keteltemperatuur), kan je zelfs verlagen tot 55°. Door de lagere aanvoertemperatuur kan je gasketel tot 15 procent minder verbruiken. Door de lage temperatuur is het energieverlies lager, en bijgevolg moet de ketel minder bijstoken. Hoe je de aanvoertemperatuur moet instellen, kan je vinden in de handleiding van je gasketel of thermostaat. Tijdens de koude wintermaanden zal je die temperatuur wel terug wat moeten verhogen. Je kan ook kiezen om een slimme thermostaat aan te kopen, die past zich automatisch aan. Hola, dit is onzin; dit komt allicht niet van de expert… Kijk maar eens on-line naar slimme thermostaten (de uitleg van Coolblue is goed); dat zijn kamerthermostaten die bedoeld zijn om het comfort te verhogen (en de stress, als ze niet doen wat je wil), en geen ketelthermostaten. Wat je nodig hebt (of eerder: zou kunnen gebruiken) is een keteltemperatuurregeling met een buitenvoeler; die verhoogt de keteltemperatuur naarmate het buiten kouder is (maar dat kan je dus ook perfect zelf doen).

De goede volgorde

Maar opnieuw: eerst de boilertemperatuur kiezen, dan de keteltemperatuur. Het ketelwater moet warmer zijn dan de ingestelde boilertemperatuur. Hoe groter het verschil, hoe sneller het boilerwater wordt opgewarmd. Hier maak je dus ook weer een keuze tussen kost en comfort. Een verschil van 10°C kan in principe volstaan, en dan kom je inderdaad aan zowat 55 °C. In de praktijk is dit afhankelijk van de benodigde warmte voor het verwarmen van de woning; met kleine radiatoren en in de winter kan 55 °C te laag zijn; in de zomer is het in elk geval hoog genoeg.

Consumenten met een elektrische boiler vervangen die beter door een warmtepompboiler. Die is vergelijkbaar met een gewone elektrische boiler, alleen heb je in plaats van een verwarmingselement een kleine warmtepomp. Die pomp haalt de warmte uit de buitenlucht en is veel efficiënter dan een elektrische boiler. Je kan hiervoor nog tot juli 2022 een premie van 300 euro krijgen bij Fluvius.

Consumenten met een stookolieketel of een gasketel of elektrische verwarming vervangen die ook beter door een warmtepomp. En dan leggen ze best ook nog zonnepanelen en/of een zonneboiler. En een thuisbatterij. Geen gas of stookolie meer, alleen nog ellentriek. En reserve voor als de stroom uitvalt. Maar eer we zover zijn zal er nog veel water door de Vesder stromen…

Even samenvatten

Wat zegt de reportage:

  • Eén douchebeurt met een spaardouchekop kost €0.14 met een gasboiler, €0.13 met een warmtepompboiler, en €0.40 met een elektrische boiler.
  • Met een regendouchekop is dat drie keer zoveel.
  • Een keteltemperatuur van 55 °C i.p.v. 75°C beperkt de energiekost met 15%.

Wat zegt de reportage niet:

  • Een indirect gestookte boiler is minder efficiënt, maar het verschil is klein.
  • Het debiet van het douchewater (en daarmee deels de kost) wordt vooral bepaald door het gebruik van de kraan.
  • Hoe groter de boilerinhoud, hoe meer energie nodig is om het water te verwarmen. Hoe groter het waterverbruik, hoe groter de boiler moet zijn om het gewenste comfort te bereiken. Maar een boiler die groter is dan noodzakelijk heeft een groter energieverlies. Het energieverlies vormt een aanzienlijk deel van de warmwaterkost en is vooral afhankelijk van de boilertemperatuur.
  • De boilertemperatuur wordt best zo laag mogelijk ingesteld. Bij een klein verbruik volstaat een boilertemperatuur van 40°C.
  • Water constant op temperatuur houden geeft hogere energieverliezen en dus een hogere kost.
  • Installateurs geven de voorkeur aan meer comfort, om geen klachten te krijgen van klanten, maar veroorzaken daarmee een hogere kost. De individuele gebruiker kan veel besparen door boilerinhoud, -temperatuur en schakeltijden af te stemmen op zijn verbruikspatroon.

De vraag naar de kost van een douchebeurt wordt hier beperkt tot de energiekost van het verbruikte water, terwijl de kost van het energieverlies van het niet verbruikte water een relevant deel uitmaakt van de totale energiekost. Deze reportage geeft op zich dus geen verkeerde informatie, maar is wel zeer onvolledig.

Of dit dan een nuttige reportage is of niet hangt af van wat de lezer ermee doet. De aangegeven kost is immers zo miniem dat de doorsnee douchegebruiker er niet wakker van zal liggen. Een kost van €1.01 per week is zelfs voor minder bedeelden klein, en wie zich de luxe van een regendouche veroorlooft zal dan ook wel €3.01 per week over hebben voor een warme douche. Het is dus te vrezen dat de reportage haar doel, nl. kosten beperken, voorbijschiet; dat krijg je als je de dingen simpeler voorstelt dan ze zijn…

Tegelijk is het een gemiste kans om duidelijk te maken dat de kost van warm water een relevant deel uitmaakt van de totale energiekost in een woning, en dat het echt wel de moeite loont om de aansturing van een boiler te optimaliseren. En daar is geen slimme thermostaat voor nodig.

Tussendoor toch nog even vermelden dat de combinatie van een expert (voor de inhoud) en een journalist (voor de tekst) niet noodzakelijk een goed artikel oplevert. Ik betwijfel of voldoende betrokken partijen deze reportage hebben nagekeken. Ik heb het ook al meegemaakt dat mijn bijdrage aan een artikel slecht werd weergegeven; voortaan eis ik inzage vóór publicatie als ik nog eens geciteerd wordt…

En tenslotte: het advies om de ketel- en de boilertemperatuur zo laag mogelijk in te stellen zou op de voorpagina’s van alle kranten mogen geplaatst worden.

—————————————————————-