Een verkeerde of onvolledige benaming, van wat dan ook, veroorzaakt minstens verwarring. Wie met een foutieve benaming geconfronteerd wordt, heeft een grotere kans om iets fout te doen. Dit probleem genereert andere problemen, waar mensen op verschillende manieren op reageren, met een onstabiel systeem tot gevolg.
Om iets zinnigs te zeggen over de salariswagenproblematiek moet je een onderscheid maken tussen salariswagens en bedrijfswagens. Maar dat onderscheid wordt dikwijls niet gemaakt, met verwarring en misbare discussies tot gevolg; typisch vlag-en-ladingprobleem. Ik fileer een krantenartikel, en kijk naar enkele relevante aspecten: de pensioenkwestie, de evolutie van het systeem, en carpooling.
Bij de vermoeiingsaandoeningen leidt de definitie van syndromen als burn-out en CVS tot een versnippering van de inspanningen om de symptomen te begrijpen. Iets gelijkaardigs heb je bij spectrumstoornissen als ADHD en autisme. Je hebt alleen een taal- en klinische psycholoog nodig om dat te zien.
Vreemd artikel is dit. Het lijkt de negatieve reacties tegen antisociale media in vraag te stellen. Met welke elementen? En waar zitten de basale fouten?
Problemen voorkomen is veel efficiënter dan problemen oplossen; in deze tijden van hyperefficiëntie zou dat wat meer mogen gezegd worden. Toch krijgt preventie alleen maar aandacht als het al te laat is. Recent verschenen in de media wel enkele berichten over preventie tegen burn-out. Een analyse toont dat er sinds de heisa rond ziekenfondsen en langdurig zieken wel meer wordt gedacht aan preventie tegen burn-out, maar veel verder dan denken komt het blijkbaar niet. Wat is er aan de hand?
Een reeks berichten uit de lente van '25 leidde tot het blogartikel 'Sociale-mediaverbod'. Na de publicatie van het rapport van de Hoge Gezondheidsraad over sociale media ontstond een nieuwe stroom krantenartikels in de winter van '25-'26. Het rapport heeft impact; een verbod lijkt op korte termijn van de baan. Deze tweede batch onthult wel een reeks nieuwe bedenkingen, meer gevarieerd dan de eerste.
Het idee van een verbod op het gebruik van sociale media door jongeren evolueert al enkele jaren in de media, en suddert nog wel even verder. In de Belgische context speelt het rapport van de Hoge Gezondheidsraad daarbij een belangrijke rol. Van het volledige Engelstalige rapport van 141 pagina's is een Nederlandstalige samenvatting van 23 pagina's gemaakt. Wat staat erin? Wat zijn de verschillen tussen de versies? En wat is het verband met de beslissing van de regering om geen verbod in te voeren? Ik doe een poging het rapport te belichten, en basale fouten te duiden.
Burn-out is al bekend sinds de jaren '70. De laatste paar decennia is het fenomeen steeds gegroeid; meer en meer werknemers vallen uit, en worden voor langere tijd 'arbeidsongeschikt', tot spijt van het RIZIV. Nog recenter lijkt de epidemie echter over te slaan op de jongeren, zowel studenten als jonge werknemers. Wat is er aan de hand? Staan jongeren tegenwoordig meer onder stress dan vroeger?
Verkeersboetes dienen de verkeersveiligheid. Zou je denken. Soms ga je toch twijfelen.
Het smartphoneverbod op scholen is actief; er zijn nog geen slachtoffers gevallen. Ook al een tijdje in de pijplijn: een verbod op sociale media voor jongeren tot 16. Australië gaf het voorbeeld, andere landen overwegen een gelijkaardige maatregel. Het gevolg is intussen klassiek: bronnen van allerlei pluimage publiceren reacties voor en tegen, de moeite van een vergelijking waard. Ook niet (meer) verwonderlijk: basale fouten, nu vooral gebrekkige aspectscheidingen, verzieken de polemiek en voeden polarisaties.